De vaart er geregeld weer in!

Afgelopen zomer had ik ze al in huis gehaald: nieuwe hardloopschoenen. In het hoofd was ik dus reeds zodanig teruggekeerd naar de modus van hardloper dat ik die aanschaf wel aandurfde. Zoals gebruikelijk met nieuwe renschoenen hadden ze eerst een paar maal om de voeten gezeten tijdens een wandeling. De herfst was echter al een paar weken oud toen ik besloot om de snelle onderbinders daadwerkelijk te benutten voor de klus waarvoor ze gefabriceerd waren. In het vorige bericht vertelde ik over het hobbelen op half- en onverharde paden. Fraai uitziende, nieuwe schoenen wil je vanzelfsprekend niet direct bevuilen of de vernieling in helpen. Dus deze keer geen Middenmeerse voetbalveldenomloop, waar de kans op modderpoten het grootst is. Of het met takjes en twijgjes bezaaide, hobbelige hazenpaadje direct langs het kanaal. Op die laatste route zijn, zeker in het weekeinde, de wedstrijdvissers inmiddels weer neergestreken. Die plegen hun hele hebben-en-houwen, oftewel de complete visuitrusting op- of rond dat smalle paadje uit te spreiden. En wel op een zodanige wijze dat het pad tot een hindernisbaan voor wandelaar of hardloper verwordt. Als hardloper wil je het liefst ver voor je uitkijken en niet voortdurend naar de grond. Laat staan dat je aan de lopende band bokkensprongen moet maken om je pad te kunnen vervolgen.

Pad op het dijkje langs het kanaal

Nee, ik nam de meer egale en ietwat bredere schelpenpaden van het dichtstbijzijnde wandelgebiedje als plaats des heils (bron: Peter ‘de haas’ de Haan, oftewel Tobatleet). Waarbij ik overigens, als nog immer gebruikelijk, eerst 3000 meters al wandelend verhapstukte. Al dan niet toevallig grotendeels over dezelfde schelpenpaden. Achteraf viel mij op dat ik de eerste-de-beste hardloopkilometer relatief gezien behoorlijk rap aflegde. Een teken aan de wand, want eenmaal overgeschakeld op gezwinde draf, ging ik gevoelsmatig als de brandweer !! Of het kwam door die als pantoffels aan de voeten zittende en fraai ogende Asics Gel-Cumulus nummertje 22 danwel dat het een logisch gevolg was van de zorgvuldige en gestage opbouw van mijn renschema, is uiteraard niet nader te duiden. Feit was wel dat ik voor het eerst sinds tijden het gevoel had dat ik lekker soepel en relatief vlot vooruitkwam. Het was tevens terug te zien in de kilometertijden, die op één-na alle onder de zeven minuten bleven. 6:19,9 was de rapste, een tijd die ik de laatste twee jaar nog zelden had weten te realiseren. Niet dat tijden of snelheden voor mij in het huidige tijdsgewricht nog enige importantie vertegenwoordigen. Maar toch is het fijn en stimuleert het als je voelt én ziet dat je als loper na die lange periode van volledige stilstand weer progressie boekt. En daarbij, al is het voor zeer korte tijd, een uursnelheid van 12,6 weet te bereiken. Daar kun je mee thuiskomen!

Het dichtstbijzijnde wandelgebied

Het liep die zondag derhalve gewoon letterlijk en figuurlijk lekker. De gewaarwording was weer een beetje als vanouds, als die ‘andere tijden sport’ (bron: Tobatleet) van een aantal jaren terug. En dat smaakte als vanzelfsprekend direct naar meer! Niet dat ik niet blij was met het hobbelen dat ik tot-dan-toe deed. Dat was ik zeker wel, want ik was weer actief geworden als hardloper! Maar nu voelde het ineens alsof er sprake was van de overgang naar een ander niveau. Waarbij kilometertijden van iets boven de 6 minuten uiteraard niet te vergelijken zijn met de 4:29 die ik ooit eens heb neergezet tijdens een 5-kmloop. Maar dat was dus ooit eens. Deze huidige gewaarwording heeft er tevens voor gezorgd dat ik de smaak van het vlotter lopen op vlakkere bodem hernieuwd helemaal te pakken heb. Dat voelt toch echt beter aan dan het relatief moeizaam hobbelen over ongelijke ondergronden!

Waterpartij in de polder

Een kleine week eerder had ik de 7 km al aangetikt en dat werd nu mijn beoogde afstand. Met het uitbreiden van het traject kwam ook de behoefte aan meer variatie van parcours. Ik kan het telkens meermalen verhapstukken van dezelfde kleine rondjes heus wel aan. Maar verandering van spijs doet eten. Dat weet ik uit het verleden toen ik ook steevast zoveel mogelijk afwisseling in de routes van mijn loopjes probeerde aan te brengen. Dus werd het tijd om eindelijk terug te keren naar het oord waar het begin juni misging: het plaatselijke bos. Drie dagen na de zojuist geschetste, gevoelsmatige snelheidsverhoging zette ik, ietwat aan de late kant in de ochtend, koers die kant op. Helaas verscheen er plots een grote regenwolk aan het zwerk. Die kwam voor mij onverwachts en liet ook nog het een en ander aan druppels, zij het geen grote hoeveelheid, op mijn hoofd neerkomen. Mede gezien het gevorderde tijdstip bedacht ik spontaan een plan B. Het dichterbijgelegen, meest oostelijke deel van de polder waarin wij wonen, werd mijn bestemming en parcours.

Een vork in het pad, zoals de Fransen zeggen

Ik droeg zeer waarschijnlijk mijn oudere, al sinds begin 2019 in gebruik zijnde paar Cumulus 20, die reeds 124 km hadden afgelegd. Trouwens ook de schoenen die ik droeg tijdens mijn laatste, moeizame Dam tot Damloop. Maar ook daarop ging het lekker vlot. Van de zeven kilometers die ik bij elkaar wist te sprokkelen, verhapstukte ik er vijf onder de 7 minuten en behaalde ik korte tijd een topsnelheid van 12,4 km per uur. Het goede gevoel van drie dagen eerder was er opnieuw en dus geen eenmalige gebeurtenis! Progressie lijkt de kwalificatie die hier het beste bij past. Daarbij liep het lekker over die, veel door hondenbezitters gefrequenteerde, wandelpaden. Waarop ik in het verleden overigens al menige stap had gezet. Goed, om aldaar meerdere kilometers te verorberen, is het wel zaak dezelfde paden diverse keren te belopen maar dat is zoals eerder vermeld geen probleem.

Een wandelpad genaamd Hooiweg

De zondag daarna werd het weer eens tijd voor een safari in het aan de overzijde van het kanaal gelegen Diemerpark. Dagen daarvoor had ik al fietsend de twee kilometer lange, brede grasberm terzijde van het brede asfaltpad op de Diemerzeedijk verkend. Na constatering dat de begroeiing kort genoeg was om erover te hobbelen, ging ik de daad bij de intentie voegen. Het voortgaan viel echter niet mee. Het was er behoorlijk hobbelig en al spoedig wist ik ternauwernood een konijnenkadaver te ontwijken. Hier was de gang door de ondergrond derhalve minder vloeiend maar toch noteerde mijn horloge een topsnelheid van 14,1 per uur. En dat op trailschoenen! Na een aantal kilometers besloot ik het risico te nemen om mij op het hondenuitlaatstuk aan de noordkant te wagen. Er liep een jonge jongen met een loslopende, op het oog heel rustige, wat grotere viervoeter. Die zou mij geen last gaan bezorgen, zo was mijn snelle inschatting. Op het moment dat ik langs hem ging, rende het beest echter op mij af en sprong enthousiast en speels tegen mij op. Helaas werd mijn nieuwste, felgele renjasje daardoor flink bevlekt met de inktzwarte modder die deze hond blijkbaar aan de vacht had zitten. Eigen schuld, dikke bult en vieze kleren. Zo kan ik achteraf alleen maar constateren, vanwege het feit dat ik mij zo nodig in dat voor honden gereserveerde domein moest begeven.

Diemerzeedijk met de ruime, begroeide berm

Een volgende poging om het bos wandelend te bereiken en aldaar wat kilometers te rennen, strandde ongeveer halverwege. Om precies te zijn bij het fietstunneltje onder de spoorlijn Amsterdam-Amersfoort. Dat bleek bij nadering compleet blank te staan, na een aantal regenachtige dagen. En laat ik nou juist die mooie nieuwe Cumulus 22 aan de voeten hebben toen ik daar arriveerde. Absoluut geen schoeisel dus om eens uit te proberen hoe diep die tunnellange plas was die mijn weg blokkeerde. Ik maakte resoluut linksomkeerts en zette andermaal koers naar de dichtbij gelegen schelpenpaden van mijn vorige ren. Alwaar ik heel voorzichtig en met kleine passen begon. Omdat bij het rekken even daarvoor een gevoelige linkerkuitregio zich deed gelden. Uiteindelijk legde ik aldaar 7,5 km met goed gevolg af.

Vergezicht in het bos

Dat bos bleef toch trekken en bij de eerstvolgende gelegenheid nam ik geen risico maar wel de auto. Over de weg zou er zeker geen waterpartij diep genoeg zijn om mij tegen te houden. Overigens na eerst dicht bij huis enige kilometers te hebben  warmgewandeld. Ik tikte wederom 7,5 km weg op hier en daar wat natte of modderige bospaden. Die dag legde ik tevens het langste stuk (van 1,2 km) af op asfalt tot nu toe. Dit deed ik net buiten het bos op een doodlopende weg langs de spoorlijn met wederom de al wat oudere Cumulus 20-schoenen aan de voeten. De combinatie van asfalt en ouder schoeisel zorgde wellicht voor een heel even gevoelige linkerhiel. Het was wel heerlijk om eindelijk weer eens tussen de bomen te kunnen rennen. Op het meest zuidelijke puntje van mijn route door het bos zat een oudere man op een bankje met voor zich twee honden. Bij het naderen plaatste ik een observatie over de bijna witte hond die door een modderlaag behoorlijk vuil oogde. Waarop de man antwoordde dat hij die hond zojuist gevonden had. Ik kon daar al rennend uiteraard verder niets mee maar nam mij voor de ogen en oren open te houden voor eventuele zoekende eigenaren. Helaas heb ik daarna geen aan die criteria voldoende personen gezien of gehoord.

Schapen tussen kanaal en Diem, juist na zonsopkomst

De linkerhiel hield zich gelukkig verder koest. Ik zou in dat bos geen stap meer rennend hebben durven afleggen als de bewuste onderbeenregio weer voor een hinderlijke onderbreking in mijn hardloopschema gezorgd had. Nu kon ik mijn al bijna twee maanden voortdurende reeks renpartijen nog een tijdje voortzetten. Nog één keer verhapstukte ik 7,5 km, alvorens ik doorschakelde naar opnieuw 500 meter meer. Meerdere keren deed ik de schelpenpaden in de polder aan. Twee weken na het avontuur in het bos durfde ik het zelfs aan de te lopen afstand uit te breiden naar negen hele kilometers. En dat liep nog immer voorspoedig. Een kleine week eerder had ik het daarom aangedurfd om twee additionele paren schoenen te bestellen in de koopjeswebshop van fabrikant Asics. Nóg zo’n zalig aanvoelend paar Cumulus 22 in nagenoeg dezelfde kleurstelling als het eerste stel. En voor het luttele bedrag van vijf tientjes een extra duo trailschoenen, model Gel-Sonoma 5.

Wandelgebied, vooral door hondenbezitters bezocht

Of ik daarmee ietwat te optimistisch geworden was, werd echter nadien de kwestie. Want niet lang na die 9-km-ren moest ik plotsklaps pas-op-de-plaats maken omdat zich in mijn rugstreek een gevoel openbaarde dat deed denken aan aan de pijnlijkheid van de vorige twee kalenderjaren. Daar wil ik vanzelfsprekend niet naar terug en dus hield ik een tijdje het walletje behoorlijk bij het schuurtje. Dientengevolge bond ik in vijf weken tijd slechts vier maal de hardloopschoenen onder teneinde respectievelijk 6, 6,5, 7 en 5 km af te leggen. Alle genoemde renafstanden worden overigens traditiegetrouw geflankeerd door wandelkilometers. Waarvan vrijwel steevast drie vooraf en twee of drie achteraf. De laatste twee loopjes in de hele decembermaand 2021, waren op Sinterklaasdag en een paar dagen vóór kerst. Ik kon in die periode niet anders dan de zaak enigermate laten versloffen, maar kan de lezer meteen verzekeren: er kwam een voorspoedig vervolg. Ik ben namelijk nog niet klaar met hardlopen en hardlopen is zeker nog niet klaar met mij. Want ik wil die nieuwe schoenparen uiteraard niet slechts voor wandelingen benutten.

5 gedachten over “De vaart er geregeld weer in!

Voeg uw reactie toe

  1. Klinkt toch als een goede opbouw. Misschien dat je houding verandert als je langer achter elkaar rent en daardoor rugpijn krijgt? Ik zakte altijd in op een gegeven moment. Ik heb het destijds ondervangen door tussendoor te wandelen en armen te rekken boven mijn hoofd.

    1. Ik probeer nu veel meer te letten op technisch goed lopen. Dus zoveel mogelijk rechtop, flink met de armen zwaaien en niet te grote passen te maken. Dat lijkt aardig te helpen momenteel. In mijn volgende bericht vertel ik over het vervolg van dit jaar 😃

  2. Een mooi en zorgvuldig verslag van een al even zorgvuldig geplande comeback in het hardlooptheater! Leuk dat je de gras-, schelpen- en houtsnipperpaden etc. op deze manier ook ontdekt – ofschoon het ongetwijfeld niet prettig is om op konijnenkadavers te stuiten.

    Hopelijk kun je over enige tijd weer je kunsten vertonen op een georganiseerde loop! En al even hopelijk behoort je blessureperiode nu echt tot het verleden.

    Tenslotte: dank voor de fraaie verwijzingen naar mijn blogsite en naar mijn te pas en te onpas gebruikte termen!

    1. Vielen danken schoen voor jouw positieve terugkoppeling, graag gedaan voor de koppelingen. En wat betreft die termen geef ik jou slechts een Weesper Mop van eigen deeg 😃

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

Klein, dapper en snel

Froukje haalt de finish wel!

Running Benno

On🏃🏾‍♂️To mijn 3de Enschede Marathon

Tobatleet

Beleefsels van een Goudse Runner

sportlifecrisis

"Sport, ik wil er veel voor doen maar niets voor laten"

Mari Durieux // Alles over hardlopen

hardloper - hardloopblogger - running junkie - reviews en racereports

%d bloggers liken dit: