Gouden zonlicht, gladde paden en gele Meeuwen

Ik had dit verhaal ook de benaming ‘Tussendoorspelletjes, een kort vraaggesprek en een wijze uit het Oosten kunnen meegeven. Of ‘Warm en koud, zon en schaduw, inhalen en ingehaald worden’. Maar soms is het lastig het beestje bij de beste naam te noemen. Wellicht dat ik hiermee al te veel prijsgeef over de inhoud van het navolgende verhaal. Het risico dat jij niet verder leest, moet ik dan maar op de koop toe nemen.

Het weekeinde zou winters worden, lage temperaturen met veel zonneschijn. De Gerrit Hiemstra’s van dit land voorzagen echter wel dat er zaterdagnacht en zondagochtend op grote schaal dichte mist mogelijk was. Dat gegeven baarde mij zorgen en ik vroeg mij af of ik veilig per auto naar Landsmeer kon rijden. De Twiskemolenloop wil ik voor geen goud missen, maar tegelijkertijd ga ik er geen onverantwoorde risico’s voor nemen. Het was echter gelukkig volkomen helder en zoals beloofd al snel zonnig toen ik op zondagmorgen opstond. Wel zat er een fikse laag rijp op de auto, waardoor ik heel flink moest krabben. Ook de binnenkant van de voorruit heb ik moeten ontdooien vóór ik kon vertrekken. Hierdoor was ik zeker een kwartier later op weg dan doorgaans. Haastend per benenwagen op straat in Landsmeer, gleed ik een beetje weg over een bevroren boomblad. Op de wandeling over het sportpark hadden de vele lopers die naar AC Waterland gingen met mij eveneens last van zeer plaatselijke gladheid. Dus het was een kwestie van korte passen nemen en goed opletten. De hier en daar wit aangevroren sportaccommodatie lag er in het ochtendzonnetje fraai bij.

Luchtopname met de molen nog intact op de achtergrond de Stootersplas (foto Tipamsterdam.nl)
Luchtopname met de molen nog intact en op de achtergrond de Stootersplas (foto: Tipamsterdam.nl)

Ik loop de 10EM eigenlijk alleen bij de Dam tot Damloop en in het Twiske, besefte ik die ochtend. Dat komt vooral omdat de andere trimlopen die ik frequenteer deze klassieke afstand niet op hun programma hebben staan. Na zeven keer de DtD, ging ik nu voor de zesde maal de 16,093 km in het Twiske afleggen. Ondanks dat ik wat aan de late kant was, had ik heel snel mijn startnummer te pakken. In de kleedkamer was het bomvol, mede door een groot contingent in het geel geklede Meeuwen, leden een loopgroep uit Volendam. Ik meen dat ik de speaker hoorde zeggen dat het ging om ongeveer 50 personen. Ik had met de lage temperaturen een kleine opkomst verwacht, maar niets van dat alles. Ruim 600 renners schijnt zelfs een record te zijn voor de decembereditie van de TML. Door tijdgebrek heb ik maar kort één rondje ingelopen en te elfder ure gekozen voor een tweede plasbeurt, overigens zonder enig resultaat. Ik moest bijna over de hoofden lopen om de urinoirs te kunnen bereiken, zo vol was de mannenkleedruimte. Had ik maar vlotter van huis moeten gaan. Hierdoor miste ik de overhandiging aan de molenaar van de in oktober jongstleden door een windhoos zwaar getroffen Twiskemolen van het bijeengebrachte en door de organiserende vereniging verdubbelde geldbedrag. Later las ik op de website dat het om de aanzienlijke som van 4100 euro ging. Voorwaar een mooi resultaat en een (zeker ook mentale) steun in de rug voor de molenaar en zijn vrouw. Ik wist dat mede-TML-adept en collega-verhalenverteller Jan Bakker niet zou verschijnen vanwege een verhuizing. Derhalve hoefde ik niet naar hem uit te kijken.

twiske-welkomstbordspinlister
(foto: spinlister.com)

Vlakbij de startplek had ik gelukkig nog wel net voldoende tijd voor de vijf basale beenspier-opwarmoefeningen die ik onlangs geleerd heb uit Runner’s World. Het kon niet anders of de ledematen waren er klaar voor. Ik had mijn startnummer op mijn shirt gespeld en een lekker warme wielrennersjas er overheen aangetrokken. Die had ik grotendeels open bij de start en het eerste, verplichte rondje op de baan. Want het was uiteraard wel de bedoeling dat mijn aanwezigheid en vertrek geregistreerd werden. Ik ben rustig vertrokken en heb vooral de eerste kilometers voorzichtig gelopen vanwege de vele gladde plekken. Nauwelijks de baan af, ritste ik mijn jasje dicht want het voelde nog behoorlijk koud aan. Vanwege het slipgevaar was het verstandiger om niet te frequent om mij heen te kijken, terwijl het Twiske er in de stralende zonneschijn zoals altijd prachtig bijlag. Dus heb ik toch zo nu en dan mijn blik van het pad laten afdwalen naar de door het gouden licht van de zon beschenen velden, waterpartijen en bosschages. Er waren best veel ‘losse’ hardlopers op pad, ondanks de lage temperatuur. Sommigen gingen dezelfde kant op als de TM-lopers. Zoals een vrouwelijk duo, waarvan ik de ene dame tegen de andere hoorde zeggen dat zij erg bang was voor valpartijen. Daarom was het erg moedig van haar om zich toch onder deze omstandigheden in de polder te wagen. Zij liep op de gras- en gruisrandjes naast het asfalt en dat deed ik ook, daar waar het mogelijk was. Er waren tevens genoeg fietsers en wandelaars die de lage temperaturen trotseerden. Dus het was af en toe tussen deze recreanten door laveren.

twiske-naar-4kmspinlister-com
Richting de Schotse runderen (foto: spinlister.com)

Ik draag vrijwel altijd een petje, dat mij beschermt tegen zowel lichte kou als overvloedige, te hete zonnestralen. En dat ook nog eens het overtollige transpiratievocht op mijn kortbehaarde hersenpan opvangt, zodat het niet in mijn ogen terechtkomt. Wetende dat een mens, naast via de onderarmen, de meeste warmte kwijtraakt op het hoofd, speel ik tijdens mijn loopjes zeer geregeld het spelletje ‘Petje op, petje af’. Als de temperatuur zodanig laag is dat ik met renjasje aan begin, komt daar ook zo nu en dan de variant ‘Ritsje naar beneden, ritsje naar boven’ bij. Zo dus ook vandaag. Ik observeerde mijn favoriete Twiske-dieren, de Schotse Hooglanders, deze keer heel bewust. Ik telde zeven van die prachtige beesten, waaronder, als ik het in het snelle voorbijgaan goed geregistreerd heb, twee kalveren. Ik zag pas dat oud-collega Brian voorbijkwam toen hij mij al gepasseerd was. Het had dus weinig zin om naar hem te roepen. Verder kwam de ene Volendamse Meeuw na de andere langsvliegen. Het waren er zodanig veel dat deze gele parade mij op een gegeven moment, aan het einde van het pad langs de ijsvrije Stootersplas, de uitroep ‘die Meeuwen blijven maar om mij heen zwermen’ ontlokte. Een van de twee vrouwelijke Volendammers die op dat ogenblik langs mij zeilde, reageerde daarop met: ‘nog maar een paar en dan heb je het gehad’. Waarop ik, met hopelijk duidelijk hoorbare ironie in mijn stem, weer antwoordde: ‘gelukkig maar’. De uitslagenlijst van de 10 km werd later opgesierd met typisch Volendamse namen als Muhren, Kwakman, Bond, Schilder, Tuijp, Sier, Tol, Veerman, Steur, en ga zo maar door.

De Stootersplas bij winterse omstandigheden (foto: twiskehaven.nl)
De Stootersplas onder winterse omstandigheden (foto: twiskehaven.nl)

Mijn heel vaak overactieve blaas deed zich een kleine beetje gevoelen en even speelde ik met de gedachte hem maar weer eens te legen. En wel kort na de splitsing bij de drinkpost. Ik deed dat toch niet, want ik wilde niet stoppen. Ik liep namelijk best lekker met kilometertijden die keurig volgens plan ruim of net onder de 6 minuten lagen. Dit onuitgesproken ‘nee’ was voor dat eigengereide orgaan gelukkig het sein om zich verder gedeisd te houden tijdens de loop. Een paar bochten verder zat een vrouwelijk loper, die mij eerder voorbij was gegaan, wel gehurkt met haar broek op de knieën langs de struikenrand. Goed opgevoed als ik ben keek ik uiteraard netjes de andere kant uit terwijl ik haar passeerde. Vóór de zojuist genoemde splitsing van de twee langste afstanden en de 10 km-route, werd ik door menig deelnemer aan die laatste afstand ingehaald. Nu wij langereafstandslopers op ons eigen stukje parcours liepen, werd het wat dat betreft een stuk rustiger. Sterker nog, mijn verwachting was dat er nog weinig renners over mij heen zouden komen. Daarom richtte ik mij volledig op de mensen die zich voor mij bevonden. Je zou kunnen zeggen dat de ingenomen posities zich onderhand aardig hadden gestabiliseerd. Niet veel verderop liep een man in een hemelsblauw Kalenji-renshirt, die mij in een eerder stadium was voorbijgestreefd. Ik had de indruk dat ik steeds een beetje dichter naderde en verwachtte hem na een paar kilometers wel te kunnen terugpakken. Daar weer vóór, renden, op enige afstand van elkaar, twee vrouwelijke deelnemers. Ook zij liepen in ieder geval niet verder bij mij vandaan. Eerder had ik het vermoeden ook hen op den duur te kunnen inrekenen.

Regelmatig moesten wij vanwege de gladheid zeer oplettend te werk gaan. Vooral op schaduwplekken en daar waar de waterdruppels van de bomen op het pad vielen. Ik deed dat door op deze plekken heel bewust kleinere passen te nemen en een beetje te vertragen. Tussen de 6e en 7e kilometer liggen er twee veeroosters over het pad. Ik zag de collega’s voor mij heel voorzichtig over die ijzeren stangen gaan. Gelukkig heb ik veel ervaring met dit type obstakel, want ik kom er regelmatig mee in aanraking op een van mijn trainingsroutes. Ook ik passeer ze nooit op volle snelheid. Daarom was nu voor mij net zo goed voorzichtigheid de moeder van de porseleinkast. Wij waren inmiddels aanbeland op een stuk van 2,5 km zonder bomen rond het pad. Hier lag het asfalt, evenals de fraaie, goudgekleurde rietkragen, dus vooral in de zon en was er van gladheid geen sprake. Op deze rechte stukken aan de noord- en noordwestkant van het parcours, kon ik de eerder genoemde voorliggers goed zien. Ik had nog steeds het idee dat ik aan het inlopen was en het bijhalen van zeker één van hen, zou slechts een kwestie van korte tijd zijn. Halverwege stond bij het water een fiets eenzaam tegen een hekje geleund. Hoorde ik ook stemmen van die kant komen of verbeeldde ik mij dat slechts?

Helemaal links het pad aan de noordkant (foto: henrifloor.nl)
Helemaal links het pad aan de noordkant (foto: henrifloor.nl)

Een curieus voorvalletje vond plaats aan het einde van het eerste rechte stuk. Een mannelijke fietser van wat meer dan middelbare leeftijd reed keurig aan de rechterkant van het pad in de bocht. De renner in hemelsblauw shirt liep uiterst links zijn kant op en had pas op het allerlaatste moment in de gaten dat hij met een tegenligger te maken kreeg. Daarom moest hij ijlings over het gras en aan de linkerkant de fietser passeren. De fietser was zichtbaar en hoorbaar ontstemd over deze actie en mopperde dat de renner gewoon aan de rechterkant van het pad had moeten lopen. Ik beaamde zijn standpunt door op te merken dat er aan die kant meer dan genoeg plek daarvoor was. En zelf voegde ik keurig de daad bij de mededeling door van die zee gebruik te maken en zo de fietser zijn eigen ruimte te gunnen. Er volgde een zigzagbocht en ik koesterde nog immer de illusie dat ik de blauwe ‘wegrenpiraat’ kon bijhalen. Maar deze was blijkbaar door het voorval van zoeven wakker geworden en/ of had daardoor nieuw elan gevonden. Want de afstand tussen ons werd ineens een beetje groter. De groep koeien die wat verderop in het grasland bij een paar bomen stond, leek zo weggelopen uit een schilderij van Paulus Potter of een andere Hollandse meester uit vroeger eeuwen. De plaspauzedame van een paar kilometer terug kwam opnieuw langs mij rennen. Zelf ging ik een ander, duidelijk trager voortbewegend manspersoon voorbij. Op dit stuk waren redelijk wat trainende lopers, wandelaars en fietsers te bewonderen. In de zon kreeg ik het zodanig warm dat ik besloot mijn jasje uit te doen en om mijn middel te knopen. Ik ging er vanuit dat de temperatuur door die koperen ploert zo langzamerhand wat was opgelopen. Later bleek dat een verkeerde veronderstelling.

Paulus Potterkoeien (foto: renrnatuurlijkblogspot.nl)
Paulus Potterkoeien (foto: renrnatuurlijkblogspot.nl)

Aan het einde van het lange, rechte stuk hoorde ik ineens klepperende voetstappen achter mij. Het was Lesley, een veteraan uit het Amsterdamse die ik wel vaker tegenkom. Deze oudere jongere komt blijkbaar altijd heel langzaam op toeren. Want hij had best een redelijke snelheid op het moment hij mij voorbij rende. Vorig jaar bij de Middenmeerloop was mij langs het Amsterdam-Rijnkanaal al eens hetzelfde overkomen. Ook toen hoorde ik hem stampvoetend aankomen en ging hij er vervolgens als een pijl uit een boog vandoor. Hij droeg een dikke wollen muts en dito handschoenen. Ik riep naar hem dat die handschoenen na 9 km toch wel uit konden. Zelf had ik de mijne al voor de start teruggestopt in mijn jaszak. Maar hij repliceerde dat hij aan de Ziekte van Raynaud lijdt, waardoor hij altijd last van koude handen heeft. Ik moest hem wel geloven en deed er het zwijgen toe. Maar goed ook, want intussen waren we opnieuw aan het begin van een boomrijk gedeelte beland en derhalve was de ondergrond plots weer glad. Ik had nu alle aandacht nodig bij het uitdokteren van waar ik het beste kon lopen en bij het nemen van relatief kleine passen. Voor mij zag ik onveranderd het genoemde illustere trio, waarvan de voorste dame inmiddels de achterste van de drie geworden was. Bij de drankpost verderop zouden ze vast wel stoppen en kon ik mijn geplande slag slaan.

Links het langste rechte stuk (foto: renrnatuurlijkblogspot.nl)
Links het langste rechte stuk (foto: renrnatuurlijkblogspot.nl)

Dat viel behoorlijk tegen. Sterker nog, de man in blauw en de ene dame waren er gewoon definitief vandoor gegaan. Alleen die ‘achterste’ dame bevond zich nog op schootsafstand. Nu veelal in de schaduw lopend, vond ik het toch ineens een stukje frisser aanvoelen. Maar ik verwachtte dat de zon mij opnieuw een behaaglijker gevoel zou bezorgen, als we ten tweeden male in het open veld terug zouden komen bij de Schotse hooglanders. Na lang op kleine afstand achter een loper gehangen te hebben, kon ik de man bij het 11 km-punt voorbijsteken. Toen ik bijna naast hem liep, wees hij mij op een grote paardenhoop midden op het pad. Ik had die poepstapel gelukkig al gezien en kon er links omheen, terwijl de man tegelijkertijd ter rechterzijde passeerde. Ik moet er niet aan denken dat ik er middenin gestapt zou zijn. Bij de stoer-uitziende runderen scheen het zonnetje weliswaar maar moesten we ook tegen de niet harde maar wel koude oostenwind optornen. Dat voelde voor mij niet echt prettig. Ik besloot nog even af te wachten of het verderop minder fris zou aanvoelen, als we naar het zuiden konden afbuigen. Intussen was ik die ene dame die ik al menig kilometer voor mij had gezien, aardig genaderd. Terwijl er een man in korte kleding en fel-oranje schoenen voorbij kwam stuiven, probeerde ik de aansluiting bij de vrouw te bewerkstelligen. Dat wilde echter vooralsnog niet lukken. Mijn benen voelden ook niet helemaal fris meer na 12,5 km.

Wat betreft ‘kou lijden’ vond ik het even later mooi geweest. Na ‘Petje op. petje af’ en ‘Ritsje omlaag en ritsje omhoog’ deed ik vandaag als derde spelletje dus ‘Jasje uit, jasje aan’. En dan vergeet ik bijna te vermelden dat de zonnebril geregeld van de neus naar de handen gaat. Vooral door hinderlijke condens aan de binnenkant van de kijkvensters. Uiteindelijk belandt dat stuk plastic nogal eens in de jaszak. Ook nu, toen mij door dat plaatselijke vocht het zicht op de bezienswaardige buitenwereld te veel werd ontnomen. Dat is dan feitelijk spelletje numero 4. Steeds dichter naderde ik de vrouwelijke loper, maar het duurde nog ruim 1,5 km voor ik echt in haar slipstream terechtkwam. Meerdere keren moest ik op enige afstand in haar voetsporen over de grasranden omdat het wegdek weer eens glibberig glad bleek te zijn. Vóór die connectie een feit werd, liet ik nog wel een keer mijn blik gaan over de daar prachtige, met onveranderd gouden zonlicht overgoten velden. Ik was allang blij dat het mij ten langen leste gelukt was om de dame te achterhalen en ik ging er vanuit dat ik tot de finish in haar kielzog zou blijven. Mijn benen wilden gewoon niet sneller meer en om die reden had ik mij verzoend met deze positie op het tweede plan.

(foto: twiskehaven.nl)
(foto: twiskehaven.nl)

Toen er weer eens een glad stuk asfalt opdoemde, koos de dame voor het grasrandje aan de rechterkant. Ik stuurde echter naar de linkerzijde van het pad omdat ik daar niet-spiegelende ondergrond zag. Aangezien er ook sprake was van een bochtje naar links, stak ik haar met die koerswijziging in één keer voorbij. En liep vervolgens gewoon een stukje van haar weg, alsof ik nog helemaal fris was! De laatste kilometer kwam eraan. Op het Luyendijkje stond een jongedame van naar schatting een jaar of 15, die zo te zien haar moeder hielp bij het wegwijzen. Zij riep heel enthousiast dat het asfalt daar als een spiegel zo glad was. En dat het om die reden verstandig was om even het hazenpaadje in de ruime berm ter rechterzijde te nemen. Dat welgemeende advies volgde ik uiteraard terstond op, om meters verder weer een langzaam lopende man voorbij te steken. En ik vervolgde daarna zo goed mogelijk mijn weg over het dan weer gladde en dan weer prima begaanbare pad langs de huizenrij. Op naar de baan en de eindstreep.

Halverwege die piste was het nu behoorlijk modderig. Net na de registratie-apparatuur aldaar gepasseerd te zijn, hoorde ik de speaker mijn naam noemen. Met daar achteraan de mededeling: ‘deze loper met startnummer 1719 ga ik zo even een paar vragen stellen. Want hij schrijft op zijn website mooie verhalen over de Twiskemolenloop. Onder andere over de vorige editie waarbij hij zijn derde halve marathon heeft gelopen’. Zijn verhaal over mij ging door tot ik de eindstreep (in 1:34 uur precies) gepasseerd was en dat leverde mij een applaus op van de aanwezige omstanders. Een erg leuk moment voor deze doorgaans anoniem acterende loper. Even was ik bang dat de speaker van dienst direct op mij af zou stormen, terwijl ik toch echt een moment of wat nodig had om op adem te komen. Gelukkig nam hij zijn tijd en kreeg ik die daardoor ook.

(foto: renrnatuurlijkblogspot.nl)
(foto: renrnatuurlijkblogspot.nl)

Hij stelde mij de vraag hoe ik er toch in slaagde om tijdens het lopen zoveel details om mij heen waar te nemen. Ik gaf geloof ik een vrij vaag antwoord, waarbij ik vermeldde dat ik deze keer vooral echt goed op de paden moest letten vanwege de glibberigheid. Eigenlijk had ik moeten antwoorden dat scherp waarnemen toevallig één van mijn specialiteiten is en dat zeker het Twiske eenvoudigweg veel te mooi is om met oogkleppen op doorheen te rennen. Ook begon hij over de door mij in een vorige blog genoemde concurrentie met de Middenmeerloop. Ik kwam, achteraf gezien, weer niet tot een bevredigende repliek. Want als hij de blog echt aandachtig gelezen had, wist hij dat de keuze tussen de Twiskemolenloop en een willekeurige andere trimloop voor deze jongen altijd in het voordeel van de eerste zal uitvallen. Een enkele speciale uitzondering daargelaten, natuurlijk. Die onbetwiste keuze had ik uiteraard op dat moment nog eens moeten benadrukken. De speaker wilde ook graag weten wat mijn volgende uitdaging was, waarop ik de eerstkomende editie van de TML in februari volgend jaar noemde. Ik had echter veel beter kunnen melden dat ik in zware onderhandeling gewikkeld ben met Looptijdenvriend en collegablogger Peter de Haan, met het oogmerk hem te verleiden de City-Pier-Cityloop van 5 maart 2017 links van Gouda te laten liggen. Om samen met Jan Bakker en mij in het Twiske de halve marathon te gaan verhapstukken. Dat alleen al omdat andere virtuele vriend Cristian Hermelink graag dezelfde halve marathon in drie afzonderlijke verhalen belicht zou willen zien. Een vooruitzicht dat de mensen achter de TM-loop wellicht eveneens zal aanspreken. Zoals bij mij vaker gebeurt, bedacht ik pas achteraf wat ik het beste gezegd had kunnen hebben. Daarom teken ik die ideale antwoorden nu alsnog op in dit verhaal.

(foto: renrnatuurlijkblogspot.nl)
(foto: renrnatuurlijkblogspot.nl)

Ik verliet de kleedkamer en het Landsmeerse sportpark in het gezelschap van een man die zojuist zijn eerste halve marathon had voltooid. Hij deed altijd 10 km-lopen, wilde wel eens wat anders en was aan de hand van een schema gaan trainen voor de halve. Die had hij nu heel mooi binnen de 2 uur voltooid. Of hij er nog eens eentje ging lopen wist hij nog niet, had hij in het kleedlokaal al verteld. Want met de gladheid was het hem toch wel enigszins tegengevallen. Het bleek dat de man uit Apeldoorn kwam en speciaal de Twiskemolenloop had geselecteerd om zijn halvemarathondebuut te maken. Dat vond ik toch wel alleszins bijzonder. Ik kon hem melden dat deze loop mijn onbetwist favoriete is. Maar goed beschouwd had ik moeten doorvragen naar waarom hij helemaal van de andere kant van het land naar de Twiskepolder was gekomen. Had hij soms enthousiaste verhalen erover gelezen op Looptijden.nl of op mijn blogsite? Ook het inzicht om achter die informatie te komen, kwam pas later toen ik allang weer thuis was. Jammer maar helaas.

Terugkijkend was het opnieuw een gedenkwaardige Twiskemolenloop en een renprestatie waarover ik zeer tevreden mag zijn. Ook omdat ik geen enkel moment de neiging had om te wandelen of pauzeren. Alleen het feit dat ik daardoor nooit in de gelegenheid ben om al het fraais dat ik onderweg zie, op de gevoelige plaat vast te leggen en met jullie te delen, betreur ik soms wel. ‘Ieder voordeel heeft zijn nadeel’, zoals een ons niet zo lang geleden ontvallen Amsterdamse filosoof, placht te zeggen. Ik zal bij gelegenheid, op een mooie dag, een keer de fiets pakken en mijn beste camera meenemen. Om na een fietstocht die langer zal zijn dan de 10EM-loop die ik zojuist heb beschreven, een groot aantal eigen plaatjes te schieten van die polder onder de rook van Amsterdam. Omdat het met het beschikbaar stellen van de wedstrijdfoto’s voor het eerst dat ik meemaak, niet zo wil vlotten, heb ik deze keer foto’s moeten lenen van allerlei andere sites. Bij mijn zoektocht naar geschikte foto’s kwam ik deze prachtige sfeerbeelden tegen van de vroege Twiske-ochtend op de zojuist beschreven TML-dag. Minstens zo fraaie plaatjes van een zomeravond in het Twiske zijn op dezelfde blog te bekijken.

Ook gepubliceerd op Looptijden.nl

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

Maak een gratis website of blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

Klein, dapper en snel

Froukje haalt de finish wel!

Runningbenno

Belevingen van een enthousiaste hardloper

Tobatleet

Beleefsels van een Goudse Runner

sportlifecrisis

"Sport, ik wil er veel voor doen maar niets voor laten"

Mari Durieux // Alles over hardlopen

hardloper - hardloopblogger - running junkie - reviews en racereports

%d bloggers liken dit: