Genieten vóór, tijdens én na de ‘groene’ loop

Het besef kwam pas toen ik allang thuis was: ik had bij het opmaken van mijn persoonlijke top 5 de Wallenloop schromelijk tekortgedaan. Die vierde plek was veel te laag voor deze unieke en bijzondere trimloop. Virtuele Looptijden-vriend Jaco had dit feit terecht al geconstateerd in zijn reactie op mijn top-5-blog van begin dit jaar. Misschien had ik er onbewust toch de pest over in dat ik hier vorig jaar al binnen 3 km geblesseerd moest uitstappen en had ik de Wallenloop daarvoor laten boeten met een te lage klassering. Beter laat dan nooit ben ik nu tot inkeer gekomen en denk ik dat deze prachtige loop de tweede plaats op mijn ranglijst volledig verdient. De Geinloop, die deze plek tot nu toe nog inneemt, ging dit jaar niet eens door. Dus uit het oog moet in dit geval helaas uit het hart zijn en bij deze doe ik een officiële stuivertjeswisseling: Wallenloop naar nummer 2 en Geinloop naar nummer 4. Als dit Gooise evenement meerdere keren per jaar georganiseerd zou worden, een redelijk geprijsde seizoenskaart zou hebben, een gratis herinneringsshirt zou opleveren en indien er na afloop rijkelijk kosteloze thee voorhanden zou zijn, zou dit ongetwijfeld mijn onbetwiste koploper zijn.

Petje af
Petje af voor deze uiterste fraaie loop (foto: Peter Veerman)

Ik was toe aan mijn vijftigste georganiseerde loop en dat mocht geen ‘huis-, tuin- en keukenloopje’ zijn, maar moest een speciale en bijzondere trimloop zijn. Een extra reden waarom ik de maand ervoor per se wilde deelnemen aan de Roze Loop als 49ste, zodat deze ‘groene’ loop numero 50 kon worden. En ik had hier wat goed te maken, een appeltje te schillen op die fraaie wallen, of zo je wilt revanche te nemen voor mijn enige zeperd tot nu toe waar het het voltooien van georganiseerde evenementen betreft. Over beter laat dan nooit geschreven, pas tijdens mijn 14e rondje om die historische vestingstad drong het volledig tot mij door dat je al die kilometers vrijwel volledig in een oogverblindend mooie, groene omlijsting loopt. Als het gaat om het parcoursdecor kan ik eigenlijk niet anders zeggen dan dat dit mijn allermooiste loop is. Afgezien van alle historische details, die ik in mijn vorige verslagen reeds uitgebreid heb bezongen, is het op de Naardense Wallen gewoon zo mooi groen eind mei dat het niet gewoon meer is. Dat ik er 5 jaar over heb moeten doen om dat feit volledig onder ogen te zien !!

Lopen in het prachtige groen (foto: Rachel)
Lopen in het prachtige groen (foto: Rachel)

Een deel van de titel van dit epistel heb ik in de twee voorgaande alinea’s al uitgelegd. Nu wat meer over dat genieten vóór en na. Wie (één of meer van) mijn eerdere verslagen over de Wallenloop gelezen heeft, zal het bekend voor komen. Het genieten begint voor mij al als ik in de trein zit. Eerst komt deze langs dat mooie, dromerige uitziende waterbassin net buiten Amsterdam dat De Diem heet en dan met de Muiderspoorbrug over mijn geliefde kanaal. Ik kan de verleiding nooit weerstaan om even naar beide kanten te gluren of er soms nog cruiseschepen op het water te zien zijn. Onzin uiteraard, want in die luttele seconden dat de trein over de brug zoeft, kan ik nooit ofte nimmer een fatsoenlijk plaatje schieten. Als de trein station Weesp nog koud heeft verlaten, richt ik mijn blik steevast op het stukje Vecht dat daar, met een mooi Weesp op de achtergrond, kort zichtbaar wordt. ‘Daar ben ik over een ruime maand om die andere mooie loop te verhapstukken’ gaat er dan altijd door mijn hoofd. Ook kijk ik of ik vanuit de trein stukjes van het Vechtloopparcours kan thuisbrengen. Even later glijdt de NS-sprinter het oudste natuurreservaat van ons land in, de Naardermeer. Ook bij bewolkte omstandigheden, zoals deze keer, is dat een lust voor het oog. Een ‘sight for sore eyes’ zoals de Fransen zeggen.

Na het mooie, want oude, station Naarden-Bussum te hebben verlaten (even oppassen op de gladde trappen en dito onderdoorgang van het perron van aankomst naar de uitgang), spoed ik mij door de prachtige, chique wijken van eerst Bussum en dan Naarden naar sportcentrum De Lunet. Er was dit maal bijna geen mens op straat te bekennen en ik schrok toen mijn telefoon ging en mijn vrouw zich meldde. Ik maande haar zachtjes te praten omdat het leek of iedereen in dit deel van het Gooi nog op één oor lag. Tijdens deze wandeling annex opwarming is het voor mij iedere keer weer genieten van de prachtige huizen, brede lanen en overvloedig aanwezige grote bomen.

Op weg naar het groen
Op weg naar al dat mooie groen (foto: Peter Veerman)

Wat was er na afloop zo bijzonder dat ik het in de titel van mijn blog moest noemen? Meestal blijf ik wat hangen bij de Utrechtse Poort, waar je als vanzelf uitkomt als je de finish bent gepasseerd, je medaille en flesje water en eventuele andere gulle geschenken hebt ontvangen en daarna verplicht doorwandelt. Nu was er bij die poort een tafel waar ik door een vriendelijke oude dame een banaan kreeg aangereikt. Na die ingepalmd te hebben, bedacht ik dat ik het aan thuisfront moest verkondigen dat ik het hem weer gelapt had, ik was rennend over de meet gekomen. Een onbedwingbare aandrang om te blijven wandelen maakte zich van mijn meester en terwijl ik mijn vrouw het goede nieuws vertelde door mijn kletsplastic, liep ik de Oostwalstraat in. Nu was ik weleens vaker in het oude centrum van Naarden geweest, maar slechts korte tijd en weinig bewust om mij heen kijkend. Deze keer had ik er alle tijd voor en ik stond er, ondanks de vermoeide benen volledig voor open. Geen enkel berouw vervulde mij voor deze impulsieve actie, want het is daar werkelijk prachtig, als je tenminste zoals ik van Oud-Hollandsche stadjes houdt. Niets dan schattige en fraaie huisjes en straatjes voorzien van kinderhoofdjes en andere aan het decor aangepaste bestrating. Ik dwaalde wat door dat deel van de vestingstad en kon op een gegeven moment de binnenwallen op en uitkijken over een stukje van het traject van de loop. Er waren nog steeds renners actief en ik zag er ook één die wandelde. Dat was bijna op dezelfde plek waar ik vorig jaar uit het peloton moest afhaken. Als er bij die loper sprake was van overmacht door een blessure, had ik met hem of haar te doen. Niet in het minst omdat het best nog een eindje wandelen is naar de uitgang van de stadswallen. Terug in de straten kwam ik langs het Comeniusmuseum en -mausoleum (nooit geweten dat dit daar stond), de Grote kerk en het van een uiterst fraaie voorgevel (17e eeuws?) voorziene stadhuis. Er bleek een Annie M.G. Schmidt-festival bezig te zijn, dus het was er nog gezellig ook, in dat aloude centrum van de vesting. Eigenlijk met tegenzin beende ik terug naar de Utrechtse Poort en over de weg waar de eerste meters na de start hadden gelegen naar het sportcentrum. Het zou voor mij absoluut geen straf geweest zijn om nog een uurtje of wat door dat oude centrum te kunnen dwalen.

‘En mijn verrichtingen tijdens de loop zelf ?’, zal de fanatieke wedstrijdverslagenlezer die nog niet is afgehaakt na deze overdaad aan inleidende bespiegelingen, zich afvragen. Vooraf had ik mijzelf twee doelen gesteld: heelhuids, dus zonder blessures, over de eindstreep komen en het liefst binnen het uur, ofwel 60 minuten. ‘Binnen één uur ?’, zal eenieder die mijn hardloopkwaliteiten een beetje kent, zich achter het oor krabben. Ja, tot nu toe tekende ik steevast in voor het langste onderdeel, de Vestingloop van 14,5 km. Maar die afstand is mij momenteel gewoon effe een rondje te lang. Dus was het verstandig om één omgang te laten vallen en de Arsenaalloop te verhapstukken, die officieel te boek staat als een 11 kmloop. Een behoorlijk incourante afstand in de Nederlandse trimloopwereld, en daarom uitmuntend geschikt als unicum voor mijn jubileumloop. Net als vorig jaar keek ik ook nu, tijdens de ultieme opwarmwandeling van de sporthal naar de start, met veel genoegen naar de zich juist op dat moment afspelende kinderloop. Van fanatieke kinderen die zich met hoge snelheid voortspoedden tot de kleintjes die zich aan de hand van papa of mama over de keien lieten meevoeren. Het hoogtepunt voor mij was die kleine jongen die zich als een van de laatsten in de buurt van de eindstreep bevond, plotsklaps stopte en zich omdraaide naar vaderlief. Hij vond het genoeg en wenste niet meer verder te gaan. Dus restte er papa niets anders dan het jongetje op te pakken en over de finish te dragen. Kostelijk om te aanschouwen.

Kidsrun
Kidsrun met op de achtergrond de prachtige Naardense vestingmuren en de toren van de Grote kerk (foto: Rachel)

Traditiegetrouw stelde ik mij vlak achter de voorsten op bij de start. Trouwe lezers van mijn blogs weten wel waarom: het voorkomen van het belanden in de rennersfile die zich steevast vormt bij het rechtsaf het smalle pad van de wallen opdraaien door de deelnemende meute. De meneer van de organisatie had voor de start ook al een verbod afgekondigd op het meteen tijdens deze eerste ronde stoppen bij de waterpost die zich slechts enkelen honderden meters verderop op dat pad bevond. Anders zouden er zonder twijfel op die plek opstoppingen ontstaan. Ik was door alle wandelingen en andersoortige opwarmpraktijken vooraf, klaar om er ouderwets rap vandoor te gaan. Niet zo snel als bij de vorige, rampzalige editie, maar met de voor mij toch altijd meer dan respectabele snelheid van 12,85 km per uur. Toen die klus geklaard was. liet ik mij, ook zoals altijd (saai hé ?) terugzakken naar meer Huidige-Tijden-Sport-tempo’s van rond de 11 per uur. Dat is voor mij heden ten dage echt al rap zat. Ruimte genoeg was er om die eigen snelheid te ontplooien en geen last van irritante omstanders. Of het moet die vader geweest zijn die voor mij liep, eerst inhield om zijn zoon langszij te laten komen en daarna zich omdraaide en zelfs stil ging staan om op zijn schreden terug te wandelen teneinde dochterlief op te halen. Ook die types die het nodig vonden om vlak achter mij een potje te gaan lopen kletsen met elkaar terwijl ik bezig was mij te concentreren op een uiterst serieuze bezigheid, konden mij gestolen worden. Daar tegenover stond die renster die in de derde ronde op het geluid van een fietsbel reageerde met een een zeer verontwaardigd klinkend ‘kom op zeg, dit is een wedstrijd’. Om vervolgens te moeten constateren dat het hier ging om een voorfietser van de organisatie die met een snelle loper langs ons kwam. Ik kon een inwendige lach niet onderdrukken.

Zojuist gestart
Net gestart en de eerste bocht door op de Kapitein G.A. Meijerweg (foto: Ingrid)

De kleine kinderen langs de kant die een lage vijf wilden scoren, waren legio deze keer. Ik had er bijna een dagtaak aan om al die handjes op een bescheiden wijze te beroeren, maar die moeite getroostte ik mij met veel genoegen. Door die snelle start zat mijn hartslag wel meteen op 168 en deze bleef gedurende de hele rit hoog, tussen 164 en 179. Omdat ik rap was begonnen bleef mijn uursnelheid een tijdlang iets boven de 11 per uur. Mijn kilometertijden waren daarmee ook keurig maar een tikkeltje langzamer dan 5:30 minuten. Die tijden had ik nodig om binnen het uur te kunnen finishen. Eigenlijk moesten ze onder de 5:30 blijven om zeker te zijn van zo’n snelle eindtijd, maar dat was dus niet het geval en ik had ook geen plannen om ze te gaan forceren. Niet vreemd dat ik halverwege al moest constateren dat het vandaag niet zou lukken binnen die 60 minuten. Daar kom ik later evenwel nog op terug. En ik liep best lekker, en daarom ik maakte mij daar niet druk over. Intussen keek ik zoveel mogelijk om mij heen en zag ik toch weer zaken die ik nooit eerder bewust bekeken had. Zoals kinderboerderij De Pluimgraaf aan de Korte Bedekte Weg. Of was ik gewoon vergeten dat die daar stond? De kleine bunkers op meerdere plaatsen aan de buitenkant van de buitenwallen, dus aan mijn linkerkant, waren echt nieuw voor mij. En dat ene bruggetje bijna aan het einde van het rondje dat ik al zo vaak overgegaan was, ging natuurlijk over water. Maar nog nooit eerder had ik daar naar links gekeken. Nu ik dat wel deed zag ik plots een roeiboot met 4 vrouwen plus stuurvrouw daar voor anker liggen. Later zag ik op Google Maps dat dit stroompje weer verbonden is met de waterpartijen die aan de buitenkant van de buitenwallen liggen.

Lage vijven
De lage vijven waren bijna niet aan te slepen (foto Peter Veerman)

Ik moest mijzelf wel geregeld dwingen om van het decor te genieten. Als loper heb je toch de neiging om je zodanig op het rennen zelf te concentreren dat je in een soort geestelijke tunnel terechtkomt en daardoor jezelf afsluit van de omgeving. Ik merkte op dat het water in de vestinggracht helemaal spiegelglad was, omdat het nauwelijks waaide. En ik constateerde voor het eerst dat in iedere opening in de vestingmuren beukenbomen staan. Ook besefte ik pas na één ronde dat ik een bepaald stukje van de omzoming van het pad helemaal niet had waargenomen tijdens die eerste omgang. Daar heb ik er tijdens de tweede doorkomst daarom extra bewust op gelet. En ondanks dat ik die kring al dertien keer eerder had gelopen, wist ik pas toen ik ter plekke was waar de genoemde bosschage zich precies bevond langs de route. Kort daarvoor had ik boven de velden aan de noordkant een buizerd zien opvliegen. Dat detail was mij dan weer niet ontgaan. Net zoals ik nu met de hersens er echt bij een voortdurende afwisseling van groene begroeiing, waterpartijen en vestingmuren registreerde.

Tijdens het begin was ik mij overigens ook pijnlijk bewust van het feit dat ik niet weer geblesseerd wilde afhaken. Niet alleen ging ik iets minder hard uit de startblokken dan vorig jaar, ook deed ik het wat rustiger aan op de plek waar het parcours, na de oversteek bij de Amsterdamsestraatweg, iets omhoog liep. Onzin uiteraard, want die plek kan er niets aan doen. Vorige jaren placht ik op dat punt even te versnellen teneinde geen snelheid te verliezen. En toen de plaats waar ik vorig jaar moest afstappen in zicht kwam, hield ik figuurlijk gesproken wel even mijn adem in. Mijn beenspieren gaven gelukkig geen krimp of ander teken van tegenwerking en ik kon derhalve lekker doordoen. Wel constateerde ik in de laatste kilometers dat ik blij was voor drie rondes gekozen te hebben en er dus niet nóg een hoefde af te leggen. Daarbij moet natuurlijk aangetekend worden dat je je van te voren geestelijk instelt op de afstand die je of gepland heb te lopen of waarvoor je bij een trimloop hebt ingeschreven. Ik probeer mijzelf weleens extra motivatie te schenken door net te doen alsof ik nog meer kilometers heb af te leggen dan ik feitelijk nog moet of wil. Deze truc werkt tot nu toe niet echt geweldig omdat ik uiteraard donders goed weet hoe ver de eindstreep op dat moment nog van mij verwijderd is. Daar ben je als renner al op voorgeprogrammeerd.

Ik liep niet meer zo soepel als tijdens de eerste kilometers en mijn tijden liepen uiteraard daardoor wat meer op. En zoals eerder geschreven, ik had het wilde idee om die 11 km’s binnen het uur te voltooien al uit mijn hoofd gezet. Voor mijn gevoel was het minder druk met renners op de paden dan tijdens voorgaande edities. Ik had dan ook geen lopers vlak achter mij toen ik de derde omgang over de wallen voltooide en scherp rechtsaf koers naar de finish zette. Ook al weet je dat er legio renners jou reeds vooraf gegaan zijn, volgens mij vindt niemand het leuk om kort voor of op de meet nog door de een of andere onverlaat voorbijgestreefd te worden. En omdat ik solo de eindstreep naderde, werd mijn naam omgeroepen. Ook altijd leuk voor je eigenwaarde, vooral als er kreten aan toegevoegd worden als: ‘hartstikke goed gedaan of ‘een prima prestatie’. De digitale klok gaf zowaar 59 minuten en nog wat aan en ook mijn eigen Garmin kwam niet verder dan 59:39 minuten. Het leek erop dat ik het toch geflikt had en even was ik de koning te rijk met deze mooie score. Vrij snel echter drong het besef tot mij door dat er wel weer eens sprake kon zijn van een dooie mus. En inderdaad gaf mijn gps-horloge aan dat ik slechts 10.77 km had afgelegd en geen 11 km. Ook deze loop heeft geen door de atletiekbond gecertificeerd parcours. Jammer, maar dat kon mijn blijdschap en voldoening niet wegnemen. Ik had mijn 50ste loop succesvol afgerond en het was een zeer bijzondere geweest waar ik met volle teugen van had genoten.

Finish
De finish nadert, de vinger naar de stopknop (foto: Ingrid)

Dat genieten ging, zoals ik hierboven al beschreef, direct over in nagenieten, zowel binnen de muren van de vesting, alsook toen ik de sporthal verlaten had en terug richting het station wandelde. Mijn dag kon niet meer stuk en het feit dat ik een halve minuut te laat op het perron kwam en daardoor de trein miste, kon daar niets aan afdoen. Nu had ik namelijk tijd om de inpandige Appie Afrika te bezoeken en daar twee broodjes en een grote bak koffie te kopen. Ook het feit dat het, toen ik ’s middags eenmaal thuis was, ging regenen om urenlang niet meer op te houden kon mij niet deren. Het was tenslotte maar mooi tijdens mijn gehele Gooise avontuur wel droog gebleven. Deze heerlijke halve dag kon niemand mij meer afpakken en met dit verhaal heb ik de voor mij belangrijkste gebeurtenissen en herinneringen ook nog eens voorgoed vastgelegd.

Als mijn relaas impliciet nog niet genoeg reclame is geweest voor de Naardense Wallenloop, dan wil ik tenslotte nog eens expliciet benadrukken dat dit een echt bijzondere loop is. En ik wil iedereen die enigszins in de regio woont, daar naartoe gaat verhuizen (zoals Hedwig) of het geen bezwaar vindt om ervoor te reizen, dit evenement van ganser harte aanbevelen. Je zult er heus geen spijt van krijgen, behalve wanneer je het idee hebt dat je hier een van je persoonlijke records wel even kunt verbeteren. Want daar is de tocht om de wallen, vanwege het gedeeltelijk smalle parcours nu net niet erg geschikt voor. Maar als je wilt genieten van hardlopen in een prachtig historisch en vooral zeer fraai groen decor, schrijf je dan volgend jaar in voor één, twee, drie of vier rondjes rondom die uitzonderlijk mooie vestingstad in het Noord-Hollandse Gooi. En plak er dan meteen een kijkje in het historische centrum aan vast.

Voor degenen die mijn vier eerdere blogs er nog eens op willen nalezen:

Een bedenkelijke primeur (2015)
Wallenloop 2014; een perfecte zondag
Wallenloop Naarden herbezocht (2013)
Vier rondjes om de vesting (2012)

Ook gepubliceerd op Looptijden.nl

2 gedachten over “Genieten vóór, tijdens én na de ‘groene’ loop

Voeg uw reactie toe

    1. Hartelijk dank voor jouw mooie compliment. Zoals gewoonlijk heb ik weer mijn uiterste best gedaan om er een leesbaar geheel van te maken. Ik weet trouwens zeker dat jij geen spijt zult krijgen van deelname aan deze loop. Tenzij de regen de hele tijd met bakken uit de hemel valt. Maar dat kan altijd en overal gebeuren.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

Maak een gratis website of blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

Klein, dapper en snel

Froukje haalt de finish wel!

Runningbenno

Belevingen van een enthousiaste hardloper

Tobatleet

Beleefsels van een Goudse Runner

sportlifecrisis

"Sport, ik wil er veel voor doen maar niets voor laten"

Mari Durieux // Alles over hardlopen

hardloper - hardloopblogger - running junkie - reviews en racereports

%d bloggers liken dit: