Een bedenkelijke primeur

“Eens moet de eerste keer zijn”, is een bekend gezegde. De “eerste keer” waarover ik het nu moet gaan hebben, had ik liever overgeslagen, aan mij voorbij laten gaan, links laten liggen of hoe je het ook noemen wilt.

Het was op een zondag in mei, nota bene de verjaardag van onze koningin. Ondanks dat de weersvoorspellingen de dagen ervoor steeds repten over een regenachtige dag die dag, was het gewoon zonnig en droog weer. De temperatuur was weliswaar niet zo hoog en er waaide een frisse wind, maar die gegevens zorgden juist voor ideale omstandigheden tijdens deze prachtige trimloop over de wallen van de historische stad Naarden. Hier ging ik voor het vierde achtereenvolgende jaar van start op de langste afstand van 14,5 km, genaamd “Vestingloop” en ik had er wederom veel zin in. Helaas kon de jongedame die ik exact een maand eerder voor de tweede keer had ontmoet bij de Geinloop in Driemond, haar toezegging om samen met mij dit klusje te gaan klaren, niet waarmaken. Zij had een andere, eerder gemaakte afspraak die zij niet kon of wilde afzeggen.

Hoezo een bijzonder decor om in te rennen?
Hoezo een bijzonder decor om in te rennen?

Dan maar weer, zoals gebruikelijk, solo de vier rondjes over de voormalige verdedigingswerken voltooien. Dat was absoluut geen straf en mij al drie maal eerder zonder problemen gelukt. Mijn vaste draaiboek vooraf bestond uit de treinreis naar station Naarden-Bussum, gevolgd door een wandeling van ongeveer 20 minuten door de fraaie woonwijken van die twee plaatsen in het Noord-Hollandse Gooi. Dit jaar moest ik op dit punt echter improviseren omdat er juist in dat weekeinde i.v.m. werkzaamheden geen treinverkeer was tussen Amsterdam Muiderpoort en Weesp. Deze blokkade kon ik omzeilen door met de auto naar Naarden te rijden en die ergens halverwege mijn wandelroute in een van de mooie lanen te parkeren. Dan bleef er nog altijd een wandeling over van zo’n 10 minuten naar de sporthal die steevast als uitvalsbasis voor de Wallenloop dient. Ondanks dat ik dat nog niet eerder gedaan had reed ik, na raadpleging van Google Maps, vlot naar mijn bestemming en ik had direct een prima parkeerplek te pakken. Met gezwinde spoed begaf ik mij naar Sportcentrum De Lunet aan de Amerfoortsestraatweg.

Goed gemutst op weg naar de start
Goed gemutst op weg naar de start

Buiten voor de ingang was het lekker druk met lopers die in het zonnetje aan het wachten waren tot het tijd werd om richting de start te gaan. Binnen was het echter zeer rustig en ik had mijn startnummer zo in bezit. Ook in de kleedkamer was het niet erg vol, zodat ik de rust en de ruimte had om mijn voorbereiding te voltooien. Na twee keer de blaas geleegd te hebben ging ik op pad naar de Utrechtse Poort, waar de start altijd plaatsvindt. Dit betekende dus weer een stukje wandelen, waarbij ik onderweg een paar onderdelen van mijn gebruikelijke warming-up deed. Uiteraard wandelde ik niet alleen omdat er meer renners dezelfde kant opgingen. Bij de wallen aangekomen was ik getuige van de Kidsrun, waarbij de allerkleinsten, soms aan de hand van vader of moeder, hun kilometer renplezier dan wel ren-ellende, aan het beleven waren. Een leuk gezicht om die kleintjes met ingespannen gezichten aan mij voorbij te zien trekken. Het was nog niet al te druk in het startgebied, dat zich precies in een opening tussen de wallen bevindt. Er staan altijd wat toeschouwers op het stuk wallen dat aan één kant de startstreep flankeert. Het ziet er net zo uit alsof ze op een duintop staan. Direct achter dat deel van de oude verdedigingslinie is een blok met openbare toiletten dat dus zeer dicht bij de hand is om nog een laatste blaaslediging kort voor de start te bewerkstelligen, wat ik uiteraard ook deed. Ik wilde, zoals altijd, tamelijk vooraan in de startrij staan om te voorkomen dat ik bij het opgaan van de wallen na enkele honderden meters rennen over de brede toegangsweg, verstrikt zou raken in het langzame peloton. Ik deed nog een enkele rekoefening en na een keer oefenen met het startpistool, liet de man die het hanteerde, het echte startschot klinken. Een seconde ongeveer had ik niet door dat wij echt allemaal vertrokken omdat helemaal vooraan een rijtje met snelle lopers klaarstond dat had ingeschreven voor de Ravelijnloop voor echt rappe renners. Even dacht ik dat die nog eerst apart zouden vertrekken. Zodra het besef er was, drukte ik mijn horloge in en ging ik in volle ren met de lopers voor mij mee. Direct zag ik een snelheid van tegen de 14 per uur op mijn klokje. Ik liet er dus geen gras over groeien. Omdat dit voor mijn gestel wel een extreem hoge snelheid was, liet ik langzaam maar zeker wat gas los, zodra ik rechtsaf de wallen op was gerend. Ik had nu de meute al voorgoed achter mij gelaten en ik kon mijn gewenste tempo gaan vinden. Even voelden mijn benen wat vermoeid aan, maar dat schreef ik op dat moment toe aan de hoge snelheid die ik even daarvoor had ontwikkeld.

Net na de start
Net na de start

Ik ging een beetje om mij heen kijken naar mijn mederenners. Er liepen wat jeugdleden van de organiserende vereniging AV Tempo mee, die aardig de pas erin hadden maar soms ook nogal stampend liepen. Na zo’n anderhalve kilometer liep ik in de buurt van een vrouw die zo ongeveer in mijn tempo aan het rennen was. Ik wilde eens kijken of ik een beetje bij haar in de buurt kon blijven. Ik loop nu eenmaal liever met vrouwen dan met mannen, dat is gewoon de aard van het beestje. Ik stak haar voorbij maar zij haalde mij aan de binnenkant, via het gras, weer in en nam enigszins afstand. Na exact 2 km kwam de oversteek over de Amsterdamsestraatweg en direct daarna een klein hellinkje naar een even klein bruggetje toe. Hier versnelde ik zoals gebruikelijk en raapte haar met gemak weer op. Na het bruggetje ging de stijging nog even door naar het hoogste punt van het wallenrondje. Ik hield mijn hogere tempo er dus ook wat langer in. Weer gaven mijn benen een klein signaaltje van vermoeidheid en ook nu gaf ik de extra inspanning die ik net had verricht de schuld daarvan. Maar verder liep ik gewoon lekker, met een snelheid van ruim boven de 11 km per uur, dus wat zou ik mij druk maken om zo’n berichtje van mijn ledematen?

Met z'n allen naar de Wallen
Met z’n allen naar de Wallen

Ik naderde nu het smalste gedeelte van het rondje om de vesting, het Vestingpad. Dit pad had maar ongeveer een derde van de gemiddelde breedte van het parcours. Ineens meldde een spier aan de buitenkant van mijn rechterkuit zich. Eerst op een bescheiden wijze die mij wel gewoon deed doorlopen maar ook tot achtzaamheid maande. Er moesten kort achter elkaar twee bruggetjes genomen worden en het terrein was soms licht geaccidenteerd. Waar de eerdergenoemde dame gebleven was weet ik niet meer. Wel vond ik het kort daarna, precies op smalste stuk van het pad, raadzaam om even te stoppen en mijn kuit te rekken, omdat de spier niet meer goed aanvoelde. Er waren gelukkig genoeg bomen waartegen ik even kon aanduwen. Tijdens dat stretchen voelde de bewuste, opstandige spier (of spiergroep) echt niet lekker aan. Ik probeerde nog wel even mijzelf weer in gang te trekken maar reeds na enige meters merkte ik dat die poging zinloos was. Na bijna driekwart van het eerste rondje, om precies te zijn na 2,89 km, was het voor mij einde oefening. En moest ik dus voor het eerst ooit voortijdig opgeven tijdens een georganiseerde trimloop. Het was niet zo dat ik moest janken, maar echt vrolijk werd ik heus niet van deze gebeurtenis.

Mijn fiasco in kaart gebracht
Mijn fiasco in kaart gebracht

Ik had ook nog eens de extra pech dat ik precies op dat smalle deel aan de noordoostkant van het parcours moest uitstappen. Het verharde pad is hier net breed genoeg om één loper tegelijk te kunnen verwerken en als je wilt inhalen moet je door de berm. Ik liep naar mijn eigen positieve inschatting bij de eerste 100 tot 150 lopers. En aangezien er 537 renners de eindstreep gehaald hebben, moest ik in die kleine 1,5 km, die ik moeizaam wandelend diende te overbruggen om van de Naardense wallen af te komen, toch wel zo’n slordige 400 liefhebbers laten passeren. Dat betekende regelmatig in die grasberm strompelen en ook af en toe pas op de plaats maken. Ergens onderweg belde ik mijn vrouw om te melden dat ik al klaar was met rennen. Zij reageerde natuurlijk zeer verbaasd aangezien zij wist omstreeks welke tijd ik zo ongeveer had moeten finishen. Eenmaal terug bij de Kapitein G.A. Meijerweg, waar de start plaatsvond en waar op een apart pad daar vlak langs ook de eindstreep te vinden was, overwoog ik kort om door die finish te wandelen. Ik liep ook daadwerkelijk een stukje die kant op, maar hield al snel weer halt en besloot dit heilloze plan op te geven. Dan maar de andere kant op, naar de sporthal om zo snel als mogelijk naar huis te kunnen terugkeren.

Onprettig voortbewegend achter deze renners
Onprettig voortbewegend achter deze renners

In de sporthal was het natuurlijk op dat moment erg stil, omdat vrijwel iedereen nog lekker aan het rennen was. Ik vertelde mijn misfortuin aan een van de vrijwilligsters aldaar en zij klopte even later helemaal speciaal bij de kleedkamer aan met het advies om mij te melden bij de aanwezige sportmasseur die gratis zijn diensten aanbood. Dat was uiteraard heel sympathiek van haar, maar ik had daar echter niet zoveel trek in. En de man bleek ook nog eens druk bezig te zijn op het moment dat ik in de sporthal voorbijschuifelde. Enigszins moeizaam baande ik mijzelf een weg terug naar mijn auto. Onderweg daarnaartoe kreeg ik een onverwachte pleister op mijn wonde. Een jongetje in de peuterleeftijd, dat met zijn opa aan het wandelen was, begon ineens honderduit tegen mij te rebbelen. Over het feit dat hij was gevallen, maar dat het niet erg was omdat het geen pijn deed. Opa stond er met een grote glimlach op zijn gezicht bij. Ik luisterde serieus naar de jongeman en ging op zijn verhaal in. Intussen stond ik daar te genieten van de onbevangenheid van dit jonge mens. Na het fotograferen van een paar prachtige berkenbomen bereikte ik vrij snel de auto en ik reed spoorslags naar huis. Was ik in ieder geval op tijd om met mijn jongste dochter te lunchen.

Wat de oorzaak van die plotsklaps weigerachtige spier is geweest, is mij onduidelijk. Zou het veroorzaakt zijn door het feit dat ik drie etmalen eerder nog een duurloop van 12 km had gedaan, waarbij ik voor het eerst mijn nieuwste loopschoenen droeg? Zou ik, door mijn veranderde wijze van aanreizen, een te korte warming-up gedaan hebben? Was de temperatuur, ondanks het uitbundig schijnende zonnetje, lager dan mijn lichaam registreerde? Liep ik bij de start te hard van stapel met een snelheid van dik boven de 13 km per uur? Hadden de afgelopen drie eerste, intensieve weken in mijn nieuwe werkkring hun tol geëist? Had ik iets onder de leden, waardoor mijn lichaam de aanwezige energie nodig had om het kwaad te bevechten? Van dat laatste is in de weken erna niets gebleken en ik heb mijzelf wel vaker met een beperkte opwarming moeten behelpen. Ook zaten mijn nieuwe stampers als gegoten en rende ik er op die bewuste donderdag heerlijk op. Waarschijnlijk zal het wel een combinatie van factoren of gewoon domme pech geweest zijn die, na 37 succesvol beëindigde trimlopen, deze nummer 38 tot een fiasco maakte. Gelukkig kon ik, na één weekeinde rust genomen te hebben, de rendraad vrij snel weer oppakken. En heb ik inmiddels reeds twee keer tot volle tevredenheid mijn fluorescerend geel-groene renstappers kunnen benutten. Ik ben dus weer volledig in de running.

Ook gepubliceerd op Looptijden.nl

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

Klein, dapper en snel

Froukje haalt de finish wel!

Runningbenno

Belevingen van een enthousiaste hardloper

Tobatleet

Beleefsels van een Goudse Runner

sportlifecrisis

"Sport, ik wil er veel voor doen maar niets voor laten"

Mari Durieux // Alles over hardlopen

hardloper - hardloopblogger - running junkie - reviews en racereports

%d bloggers liken dit: