De allerkleinste loop

Het gros van de trimlopen waaraan ik deelneem heeft een geografisch georiënteerde naam. Vaak is zo’n loop vernoemd naar de plaats, het gebied of het water waarlangs de route loopt. Mij bekende voorbeelden daarvan zijn o.a. de Heemstedeloop, De Brettenloop, de Geinloop en de Vechtloop. Dit principe volgend zou de loop waarover mijn verhaal gaat “Nieuwe Dieploop” of “Benedendieploop”, “Flevoparkrun” of “Zeeburgloop” moeten heten. Dit naar het water waaromheen één of meerdere rondjes (al naar gelang de afstand die men kiest) gerend moeten worden, het park dat doorkruist wordt of de Amsterdamse wijk waar de gehele happening plaatsvindt. De leden van de organiserende vereniging Dutch Gay & Lesbian Athletics (DGLA) hebben echter een ander oogmerk. Zij willen laten weten dat zij trots zijn op wie en hoe zij zijn en daarom organiseren zij op dit parcours jaarlijks hartje zomer de Pride Run en eind april de Roze Loop. Aan die laatste loop heb ik, na een pauze van twee jaar, weer eens deelgenomen, omdat hij dit jaar op zondagmiddag gehouden werd en niet op vrijdagavond, zoals de twee edities ervoor.

Het Nieuwe diep (Deel Benedendiep) met rechts de Oostelijk Merwedekanaaldijk
Het Nieuwe diep (Deel Benedendiep) met rechts de Oostelijk Merwedekanaaldijk

Zoals de titel van dit epistel al aangeeft is het qua deelnemersveld echt de allerkleinste trimloop die ik ken. Je kunt kiezen uit 5 km, 10 km of 15 km, zijnde 1, 2 of 3 rondjes om het Benedendiepdeel van het Nieuwe Diep, dat aan de westkant geflankeerd wordt door het Flevopark en aan de oostkant door het begin van het Amsterdam-Rijnkanaal. Het deel Bovendiep bevind zich overigens net aan de andere kant van het kanaal. Drie jaar geleden stond ik met ongeveer 22 personen aan de start voor de 15 km. Deze keer had men het anders georganiseerd, door de lopers voor de drie afstanden gelijktijdig te laten vertrekken. In de uitslagenlijst staan in totaal 77 renners geregistreerd, dus ik neem maar aan dat hetzelfde aantal ook van start is gegaan. Bij het afhalen van mijn startnummer gaf de man achter de tafel aan dat ik die dag kansen had om de afstand te winnen. Ik reageerde met de vaststelling dat er altijd wel iemand onder de deelnemers is die de afstand in een tijd rond het uur loopt. “Ga dan maar voor de tweede plaats”, zei de man. Er hadden zich namelijk maar erg weinig renners ingeschreven voor de langste afstand. Ik rekende echter nergens op en dacht bij mijzelf dat ik het wel zou zien. Ondanks dat het dus een uiterst exclusieve aangelegenheid betreft, is de organisatie prima. Er is bijvoorbeeld gewoon een bewaakte plek beschikbaar waar de tas kan worden afgegeven. Sporthal Zeeburg ziet er van binnen keurig uit en er is met zo’n beperkt aantal deelnemers natuurlijk ruimte genoeg in de kleedkamer. Ook doet het startnummer vermoeden dat de organisatie over een sponsor van mondiale uitstraling beschikt.

Aan het einde van de Oosterringdijk
Aan het einde van de Oosterringdijk

Met de kleine aantallen deelnemers vindt de organisatie ongetwijfeld het gebruik van professionele tijdwaarneming d.m.v. een chip niet nodig. De tijdsregistratie gebeurt namelijk gewoon handmatig door vrijwilligers die bij de eindstreep staan te klokken. De start was, net als drie jaar eerder op de ruime stoep pal voor de ingang van het Flevoparkbad. Dan ging de stoet direct het park in, dat grofweg van noord naar zuid doorkruist werd. Door de meest zuidoostelijk gelegen in/uitgang moesten we na precies 1 km rechtsaf de Valentijnkade op, de eerste 500 meter nog langs het park en de overblijfselen van de Joodse begraafplaats. Dan volgde een klein stukje bebouwde kom waarna er twee keer scherp linksaf via de brug in de Molukkenstraat naar de Oosterringdijk gerend werd. Hier liepen we dus weer terug aan de andere kant van het water. Aan het einde daarvan werd via een pad door de semi-permanente bebouwing aldaar de Westelijke Merwedekanaaldijk bereikt. De voorloper van het huidige kanaal heette namelijk Merwedekanaal en de naam van de dijk is blijkbaar nooit veranderd. Inmiddels was er ruim 3 km afgelegd. Weer moesten we twee keer kort achter elkaar linksaf. Aan het einde van deze tweede dijk ging men of rechtdoor onder de Amsterdamse Brug door naar de finish op de Flevoparkweg aan de andere kant van de sporthal, of linksaf het park weer in voor een 2e en eventueel 3e ronde. De Rokjesdagloop, die eerder in de maand april gehouden wordt en waaraan alleen vrouwen mogen deelnemen, maakt voor een redelijk deel gebruik van dezelfde paden en wegen. Ook een loop zonder geografisch getinte benaming dus.

Het parcours
Het parcours

Ik had van tevoren geen plan gemaakt maar ik was redelijk snel vertrokken, getuige de eerste twee kilometertijden: 5:05 en 5:06. Daarna nam ik iets gas terug omdat ik wist dat ik nog een eindje te gaan had. Aan het einde van de Oosterringdijk kon ik eerst mijn oudste dochter, die op de fiets langskwam op weg naar haar werk, een high five geven. Een klein stukje verder stond mijn vrouw om mij even aan te moedigen en om wat plaatjes te schieten. Op deze plek zijn er drie paden die de Oosterringdijk met de Kanaaldijk verbinden. De lopers namen steeds de middelste doorgang en mijn vrouw nam de eerste en kortste, zodat zij nogmaals langs het parcours stond. Ik had inmiddels een vrouw bijgehaald die zowel de voorzitter van DGLA is, alsook een bekende van mijn vrouw. Dus riep ik bij het voor de tweede keer passeren van mijn echtgenote: “ik loop net naast de voorzitter”. Deze renster keek daarop enigszins verbaasd mijn kant op. Het ging nu aardig tegen de wind in die schuin van over het kanaal kwam aanwaaien. We liepen een stukje gelijk op en ik dacht er goed aan te doen om mevrouw de voorzitter uit de wind te houden. Dat lukte maar korte tijd omdat zij mij niet meer kon bijhouden. Ik had een lekker tempo van ruim boven de 11 per uur en dat wilde ik graag nog een tijdje volhouden. En dus liep ik bij haar weg.

De voorzitter kijkt verbaasd opzij
De voorzitter kijkt verbaasd opzij

Langs de ingang van het zwembad was mijn eerste ronde voltooid en dook ik voor nummer 2 het park weer in. Iedere keer als ik trouwens langs een wegwijzende vrijwilliger kwam, stak ik doelbewust mijn duim op om mijn erkentelijkheid te tonen. Voor mij liep nu een man die naar mijn idee moeite had om een constante snelheid aan te houden. Dan rende hij even bij mij vandaan, het volgende moment had ik hem weer vlak voor mij. Je zou ook kunnen zeggen dat het niet deze loper was die onregelmatig liep maar ondergetekende. Dat verhaal kan ik, gezien mijn uiterst constant kilometertijden in dit gedeelte van de race, naar het rijk der fabelen verwijzen. Ik kwam wel steeds dichter bij de man en ongeveer aan het begin van de tweede passage langs het kanaal had ik hem te pakken. Hij bleef nog wel een tijdje bij mij in de buurt hangen maar hij kwam niet over mij heen. Ik vond het helemaal niet erg dat hij aan het einde van de Westelijke Merwedekanaaldijk rechtdoor ging naar de meet. Kon ik weer wat rustiger lopen.

Het park (weer) in
Het park (weer) in

Er dook nu wel een andere, wat oudere, man vlak achter mij op en met hem op mijn hielen ging ik de 3e en laatste ronde in. In deze laatste omloop heb ik alle wegwijzers nog eens nadrukkelijk bedankt voor hun inzet. Al snel ging de man mij voorbij en ik probeerde bij hem aan te pikken. Dat lukte echter niet en ik moest hem laten gaan. Kort daarvoor was een fietser van de organisatie ons, ook in het park, tegemoet en voorbij gereden. De man moet kort daarna gedraaid zijn want ineens kwam hij naast mij fietsen. Hij zei tegen mij: “ik ben de bezemfietser, maar trek je daar maar niets van aan. Nu moest ik toch wel even slikken. Dit gegeven was geheel nieuw voor mij. En ik had in eerdere stadia op de plaatsen waar dat makkelijk ging toch meerdere renners achter mij zien voortsnellen. Die waren dus blijkbaar allemaal al richting de finish gegaan. Vooraf was mij nog voorgespiegeld dat ik in de prijzen zou kunnen gaan vallen en nu bleek ik ineens de rode lantaarndrager te zijn. Dit verhaal vertelde ik aan de fietser die repliceerde dat er minder dan 10 deelnemers aan de langste afstand waren. Als hij de vrouwen even niet meerekende kon ik volgens hem op de 5e plaats eindigen. Dit was nog eens een aparte gewaarwording: tegelijkertijd bij de eerste 10 lopen met een gemiddelde snelheid van ruim 11 km per uur en toch als laatste loper in de koers begeleid worden door de bezemfietser.

Links de Oosterringdijk en rechts de Valentijnkade
Links de Oosterringdijk en rechts de Valentijnkade

Een groot deel van de loop had ik zo’n ruime honderd meter voor mij twee jonge vrouwen zien lopen. Lange tijd lieten ze samen maar in deze fase van de strijd had de ene zich losgemaakt van de andere. De langzaamste dame kwam voor mij steeds naderbij en ik had de vaste overtuiging dat ik haar ruim voor de meet zou kunnen inrekenen. Voor dat kunststukje had ik wel de hele Valentijnkade, de complete Oosterringdijk en twee-derde van de Kanaaldijk nodig. Bij elkaar toch wel dik 3 km. Toen ik uiteindelijk naast haar liep, vroeg ik aan haar: “ga je mee naar de finish, wij zijn de laatsten in de koers”. Ik vond het niet leuk om haar zomaar voorbij te lopen en was ervan overtuigd hiermee een goede daad te verrichten. Zij antwoordde direct positief en kreeg door mijn eerbare voorstel nieuwe energie. “Dat had ik even nodig”, zei zij na afloop toen ze mij bedankte met een high-five. Getweeën zetten wij aan en gingen zo de laatste 750 meter in. In de laatste paar honderd meter voor de finish bleek de snellere dame een echt loopmaatje van de langzamere jonge vrouw te zijn, want ze hield flink in en wachtte ons op. Ze wilde samen met haar maatje over de eindstreep. Die wilde daar eigenlijk niets van weten getuige haar “nee ga jij maar, jij bent sneller”. De andere hield voet bij stuk en gedrieën gingen wij in een sprintje op de meet aan. Ik ben ervan overtuigd dat ik een voet eerder dan de dames de loop beëindigde, maar in de officiële uitslag staan wij alle drie met exact dezelfde tijd: 1:17:46. Logisch gezien het feit dat er met de hand geklokt werd. Deze eindtijd hadden wij gelopen over, volgens mijn horloge, een afstand van 14.75 km. Ik ga ervan uit dat die afstand redelijk klopt en dat het parcours van deze kleine loop niet gecertificeerd is. Ik kreeg, zoals bij meer lopen gebruikelijk is, direct een herinneringsmedaille omgehangen.

De herinneringsmedaille
De herinneringsmedaille

Wij kwamen als de nummers 8 t/m 10 over de finish en belandden daarmee op de gedeeld 8e plaats. Omdat er maar drie vrouwen deelnamen, vielen de twee jongedames zowaar nog in de prijzen met een 2e en 3e plaats. Waarbij ze overigens onderling hadden uitgemaakt wie het zilver en wie het brons in ontvangst mocht nemen. Ik werd 7e bij de mannen, dus in de top 10 maar wel tegelijkertijd ook laatste. De man die mij in de laatste ronde voorbijliep en één plaats voor mij eindigde, zei na afloop dat hij nog geprobeerd had om mij op sleeptouw te nemen. Dat was dus helaas voor mij niet gelukt. Om de omvang van het deelnemersveld nog eens te benadrukken: 41 lopers deden de 5 km, 26 renners de 10 km en er waren dus slechts 10 enthousiastelingen voor de 15 km. Na afloop was direct aansluitend in de kantine van de sporthal de prijsuitreiking. Ik had het idee dat bijna alle deelnemers van de loop daarbij aanwezig waren. Mevrouw de voorzitter deed de verdeling van de echte medailles op een prettige en keurige manier, daar waar de vorige voorzitster er drie jaar geleden bij start en finish er een bedenkelijk spektakel van maakte door voortdurend schuine opmerkingen door de microfoon te roepen.

Het Nieuwe Diep vanuit het Flevopark
Het Nieuwe Diep vanuit het Flevopark

Ik was die middag in totaal al vier keer langs het stuk kanaal ter hoogte van het Nieuwe Diep gekomen. Vooraf één keer wandelend naar de start, drie keer tijdens het rennen en nu ging ik met uiteraard vermoeide benen weer “spazierend” huiswaarts. Tijdens de loop hoopte ik steeds dat er zich geen cruiseschip op het water zou vertonen. Ik zou dan de neiging krijgen om halt te houden en een paar plaatjes van zo’n mooie schuit te schieten, en ik wilde natuurlijk liever niet stoppen. Nu was ik er echter helemaal klaar voor en toen ik bijna het Flevopark uit was en nog even het hellinkje omhoog naar de dijk moest nemen, meende ik al iets van een passagiersboot te herkennen. In volle glorie kwam de Leonardo da Vinci voorbij en ik twijfelde niet om dit fraaie notendopje uitgebreid vast te leggen. Al dan niet toevallig zag dit schip er exact hetzelfde uit als de boot die ik twee weken eerder tijdens de Nescioloop waarnam. Mijn zondagmiddag kon toen echt helemaal niet meer stuk.

De Leonardo Da Vinci in volle glorie
De Leonardo Da Vinci in volle glorie

Ook gepubliceerd op Looptijden.nl

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

Maak een gratis website of blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

Klein, dapper en snel

Froukje haalt de finish wel!

Runningbenno

Belevingen van een enthousiaste hardloper

Tobatleet

Beleefsels van een Goudse Runner

sportlifecrisis

"Sport, ik wil er veel voor doen maar niets voor laten"

Mari Durieux // Alles over hardlopen

hardloper - hardloopblogger - running junkie - reviews en racereports

%d bloggers liken dit: