Lekker lang lopen en genieten in Het Twiske

Degenen die vinden dat ze al genoeg van mijn positieve berichten over dit mooie stukje Noord-Holland gelezen hebben, kunnen deze blog beter overslaan. In dit verhaal zal ik namelijk weer eens alles uit de kast halen en flink doorslaan in mijn loftuitingen, gewoon omdat ik nog veel meer genoten heb dan de vorige drie keren dat ik hier mocht rondrennen.

De datum 10 november 2013 stond allang vetgedrukt in mijn agenda als de dag waarop ik mijn eerste officiële halve marathon wilde gaan lopen. Ik had dan er reeds geruime tijd naar toegewerkt, onder meer door het lopen van de Dam tot Damloop en een redelijk aantal lange duurlopen. Daartoe behoorde ook twee keer een 18-kmloop. Van één daarvan heb ik uitvoerig verslag gedaan op deze site. Ik was derhalve zowel lichamelijk als geestelijk helemaal klaar voor deze vuurdoop. Toch heb ik die dag ’s ochtends lang getwijfeld of ik wel naar Landsmeer zou afreizen vanwege de vele regen die er op dat moment viel of al gevallen was. Meerdere malen heb ik uitgebreid de Buienradar geraadpleegd en uiteindelijk besloten wel te gaan. Ik had tenslotte, via de seizoenskaart, al betaald en het zou wel een flinke afknapper zijn geweest om op het laatste ogenblik alsnog mijn goede voornemen in de ijskast te moeten zetten. Nog in de auto onderweg kreeg ik weer een fikse bui op mijn dak, waardoor de twijfel nog steeds niet helemaal verdwenen was. Achteraf ben ik uiteraard ontzettend blij dat ik toch gegaan ben. Bij aankomst op de baan was het namelijk droog en ook bij de start liet Pluvius verstek gaan.

Met mijn seizoenskaart en reeds ingevuld inschrijfformulier bij de hand had ik snel mijn startnummer afgehaald. De som van de cijfers waaruit dat nummer bestond was 21, dat moest die dag dus wel goed gaan. Na mijn gebruikelijke rondje inwandelen en -lopen over het sportpark, stond ik met een groepje van een kleine 70 lopers aan de start. Ik ben redelijk rustig weggegaan, hoewel mijn tactiek was om in de eerste helft iets sneller te lopen dan de voor een minus 2 uur eindtijd benodigde 10,6 km per uur. Met in het begin wat sneller lopen had ik in het 2e deel van de race misschien een buffertje over zodat ik mijn beoogde eindtijd kon bereiken. Ik zat dan ook al snel op het mooie tempo van 10,9 per uur. Zoals altijd was het met het kleine aantal deelnemers op deze afstand lekker ruim lopen. Wel viel er in het begin af en toe lichte regen. De eerste 4,5 km volgden we het mij inmiddels overbekende parcours, zo kon ik na een paar km blij de vertrouwde grote grazers weer begroeten. Natuurlijk lagen er door de vele neerslag her en der plassen op de paden. Op één plek zelfs over de hele breedte, ik ben daarom tweemaal via de berm ernaast gelopen. Op foto’s van één van de vaste fotografen van deze loop is te zien hoe sommige renners deze plas zelfs springend overbrugden *. Al snel werd ik ingehaald door de rapste 16.1-km lopers. Dat is natuurlijk niet zo gek want zij waren maar 5 minuten later gestart. Er kwam één oudere stoomlocomotief langs. Als je die toch de hele tijd in je nek hebt blazen, dan wil je wel vaart verminderen of opzij gaan. Gelukkig liep hij hard voorbij en had ik verder geen last van zijn antieke spoorgeluiden.

In het water bij het strandje aan de Stootersplas (verreweg de grootste van de vele waterpartijen hier) zag en hoorde ik weer de kikvorsmannen die hier volgens mij geregeld te zien zijn. Je kunt op deze plek met de auto tot vrijwel direct aan het water komen en er parkeren, wat natuurlijk ideaal is als je een flinke uitrusting bij je hebt. Ik heb geen thee gepakt bij eerste drinkpost, hoewel ik wel zin in had in een warme drank. Maar ik wilde natuurlijk niet nu al stoppen en mijn prettige tempo opgeven. Vlak voor het 5 km-punt gaat de route linksaf naar voor mij tot dan toe onbekende stukken van Het Twiske. Deze gedeeltes bleken, mede door meer bosachtige stukken, nog mooier dan wat ik tot dan toe gezien had op het 10 km-parcours. Er volgt dan wel snel een paar honderd meter slechter wegdek met veel bladeren en takken erop waar je vooral bij nattigheid even goed moet opletten. Tijdens dit deel van de loop heb ik nog wel mijn gewone tactiek van versnellen op de bruggetjes toegepast. De gladheid daarvan viel, ondanks de waarschuwing van de organisatie, gelukkig mee. In deze fase ben ik nog wat mensen voorbijgelopen, en heb ik af en toe ook versneld op vlakke stukken. Toen ik weer op een meer open gedeelte kwam moest ik twee veeroosters passeren. Daar heb ik wel ervaring mee, hoewel deze roosters langer waren, smallere liggers hadden en in dit geval gladder waren door regen en modder. Na de roosters werd ik door nog meer (16.1 km-?) lopers voorbijgelopen. Onder anderen een oudere man met grijs haar en zweetband kwam mij hard voorbij snellen. en ook een paar groepjes lopers moest ik laten passeren. Een kleine vrouw, die ik al een hele tijd voor mij zag lopen, kwam wel steeds wat dichterbij. Ondertussen heb ik veel gekeken naar- en genoten van het wisselende decor: beboomde stukken, waterpartijen en weides met allerlei grazers.

Wat is het hier mooi !!!
Wat is het hier mooi !!!

Ik liep nu op een lang recht stuk aan de noordwestkant, tussen km’s 7 en 9. Gelukkig ben ik wel gewend aan dit soort lange, vaak rechte stukken. Er stond een brommer helemaal alleen op een pad, waar is de bestuurder? Ah, daar iets verder bij het water. Nog steeds werd ik af en toe ingehaald. Onder meer een gezette man met slordige, lange joggingbroek en gescheurd shirt, liep mij redelijk makkelijk voorbij. De kleine vrouw kwam intussen alsmaar dichterbij. Die zou ik nog wel gaan oprapen maar dat kon ook nog even gaan duren. Een jongere man, die ik al ergens tussen de 6e en 7e km had ingehaald, bleef bij mij in de buurt. Aan het einde van het lange, rechte en open stuk ging de route linksaf een bebost gedeelte in. Hier, iets verderop, kon ik eindelijk de kleine vrouw bijhalen. Bij het 10 km-punt vroeg ik haar of het nog ging. Na drie keer vragen kwam het antwoord “nee echt niet, het is nog meer dan 10 km”. Ik dacht haar een eindje op sleeptouw te nemen maar al snel, bij de volgende drinkpost, ging zij drinken pakken en liep ik door. Een andere vrouw in een zeeblauw shirt, een eindje voor mij lopend, kwam in zicht. Een klein verhoginkje op, heb ik nog even versneld. Mijn tempo bleef goed maar ik had al een tijdje het gevoel dat mijn benen vermoeid aan het raken waren.

De zon kwam, na het passeren van een paviljoen en een parkeerplaats met auto’s, prachtig fel door op een stukje met bomen en een wijde sloot langs het pad. “Wat prachtig”, riep ik uit. Op zulke momenten vind ik het eigenlijk jammer dat ik aan het rennen ben en dus niet in de gelegenheid ben om even te stoppen en al dat moois vast te leggen op de gevoelige, digitale plaat. Gelukkig had ik wel de tijd om ervan te genieten, ondanks de toenemende vermoeidheid. De voorfietser met de voorste loper er vlak achter kwam mij tegemoet. Die was al op zo’n 16,5 km, ik was nog niet aan de 12 km. Even later volgden de nummers 2 en 3. De laatste zag ik vorig jaar in november deze afstand winnen, dat ging hem deze keer dus ogenschijnlijk niet lukken.

Linksaf liep ik, terug over een klein stukje eerder gelopen parcours. De grote runderen liepen, stonden of lagen nu in de zon. Rechtsaf, andermaal een bruggetje over, kwam ik weer op onbekend terrein. De zon scheen, de lucht was gedeeltelijk mooi blauw op dat moment maar toch zag ik links een regenboog.

My heart leaps up when I behold a rainbow in the sky“.

Deze onsterfelijke regels van William Wordsworth schoten meteen door mijn hoofd. Ik ging een moeizaam lopende man in geel shirt voorbij en door de zonneschijn van dat moment, kreeg ik het warm. Had ik dan toch toch teveel lagen aangetrokken? De mouwen opstropen en even de pet afzetten wil dan meestal wel helpen om wat warmte kwijt te raken. Je ziet niet voor niets op tv de echte hardlopers ’s winters in korte broek en singlet maar wel met een muts op het hoofd en handschoenen tot over de ellebogen aan. Het schijnt wetenschappelijk bewezen te zijn dat je op die plaatsen warmte verliest. Dat is bij lage temperaturen ongunstig maar als het warmer is, wel zo prettig. Op een stuk van bijna 3 km lengte, dat ook gebruikt wordt voor het 10km-parcours, kwam een groepje wandelaars mij in de volle zon tegemoet lopen. Dit is dus weer bekend terrein met links het “grenswater” en een brug naar Den Ilp en rechts een mooie waterpartij met vogels erin. Prachtig fel zonlicht scheen erop, wel zag ik een donkere wolk vlakbij. Ineens volgt er dan een felle bui, en heb ik wind en regen tegen. Hierdoor ben ik wel meteen weer lekker afgekoeld en kon ik de mouwen naar beneden doen, ook al om mijn horloge tegen het vocht te beschermen.

Ik vroeg met een wijzend gebaar aan een klein meisje dat met haar moeder als richtingaanwijzer stond te posten of ik daar rechtdoor moest (terwijl ik dat natuurlijk wel wist). Na 14,5 km mocht ik niet linksaf en minder dan 2 km richting de finish, zoals de 16,1-lopers wel konden, maar rechtsaf weer een eerder gelopen stuk op voor de laatste ronde van bijna 7 km. Hier kwamen mij een paar lopers tegemoet die al aan de 20ste km bezig waren. Één ervan werd begeleid door een oudere fietser (zijn vader?). Bij de volgende drinkpost op 15 km heb ik thee gedronken, na het zien van de vrouw in zeeblauw die al tijden voor mij liep die dat ook deed. Ik twijfelde nog even over een tweede beker, maar die heb ik niet genomen. Hier werd ik voorbij gelopen door o.a. de jongere man die al geruime tijd achter mij liep. De korte stop was goed voor mijn benen, ik had direct het gevoel dat het lopen weer wat soepeler ging. Ik moest weer in de achtervolging op de jongere man, waarbij ik nogmaals door de berm langs de padbrede waterplas liep. Linksaf een bocht om, ging het nu in tegenovergestelde richting over het eerder gelopen stuk waar zo mooi de zon scheen en ik de blauwe lucht in het water zag weerspiegelen. Bij ongeveer km 17 ging ik rechtdoor waar ik eerder van rechts gekomen was bij een paviljoen, op pad voor de laatste km’s. Hier waren vooral mooi beboomde gedeeltes. Dit is echt één van de mooiste stukken van deze al zo prachtige loop. De jongere man die al zo lang in mijn buurt liep heb ik daar weer ingehaald op een omhooglopend stukje en in het voorbijgaan heb ik mijn duim naar hem opgestoken. Hij wenste mij nog succes.

Mooi, mooier, ......
Mooi, mooier, ……

De vrouw in zeeblauw liep nog steeds eindje voor mij. Een aantal bochten moesten we hier om. Het lopen ging nu moeilijker, de benen raakten echt vermoeid, de tank was onderhand leeg, de reservetank ook vrijwel. Hier kun je best, als je echt alleen loopt en niemand voor je ziet en niet meer helemaal helder van geest bent door de vermoeidheid. van het parcours afraken. Je bent tenslotte in deze fase van de strijd vooral bezig met doorzetten tot de eindstreep in zicht is. Het ging door mij heen dat ik het misschien wel bij deze ene poging op de halve marathon zou laten. Dat overkomt mij wel vaker als ik het op een langere afstand even moeilijk heb. Na 19 km stond de vrouw stil vlak na de zoveelste brug. De zon scheen fel op het natte pad- en brugdek en dit werkte verblindend. Ik had geen zonnebril op en er ook geen bij me die geschikt is voor dergelijke zonnige momenten. De vrouw liep weer verder, ik kon haar nog steeds niet oprapen. Een groepje achter mij kwam steeds dichterbij, ik had het gevoel dat ik niet erg hard meer ga. Mijn horloge gaf nog echter steeds 10,6 km per uur als gemiddelde aan.

Ik kwam het bos uit en liep door een niet te omzeilen waterplas. En helaas moest ik een stukje langs een toegangsweg met een paar rijdende auto’s die komen vanaf een parkeerplaats en over een fietspad met een stinkende brommer erop. Rechtsaf hobbelde ik richting de molen en naar de “uitgang” van het natuurgebied. Om een idee te geven van het hele, slingerende, traject, heb ik een afbeelding van de plattegrond toegevoegd. Ik werd ingehaald en voorbijgestoken door het groepje, net als een aantal tandemfietsers ons tegemoet komt. Een van het groepje roept “rechts houden”. We gaan het laatste bruggetje over.Twiskeloop21-1-map Net voor de huizenrij sturen ze ons over een stukje grindpad naast het fietspad. Op de heenweg had ik al gekeken of hierop veel water lag. We moeten om een aantal modderige plasjes heen laveren. De organisatievrijwilliger aan het einde van dit stukje roept bij het naar links de bewoonde wereld weer ingaan: “als je even versnelt heb je ze zo te pakken”. Ik kon niet eens meer iets terugroepen en dus niet overbrengen dat juist het groepje mij even daarvoor voorbijgestoken was. De laatste paar honderd meter fietspad naar de baan zijn dezelfde als de eerste meters van de tocht en voeren langs een huizenrij.

Ik zette mijn horloge op het scherm met de gedetailleerde tijdweergave, ik bedenk voor het eerst tijdens een georganiseerde loop dat ik toch niet op de afstand hoef te letten. Finishen binnen de 2 uur lijkt nog goed mogelijk als ik naar de verstreken tijd kijk. Nog een verplicht rondje over de baan, dat valt niet mee na al die kilometers. Het laatste stuk zet ik nog zo goed mogelijk aan, hoewel je dat niet echt kan zien op de finishvideo. Ik zie de vrouw in zeeblauw een 30-tal meters voor mij over de eindstreep gaan en in de armen van (naar ik vermoed) haar partner vallen. De klok bij de finish die is gaan lopen bij de eerste start (dus die van de 21,1 km) geeft nog onder de 2 uur aan. Ik finish volgens mijn horloge in 1:59:40, de officiële tijd blijkt later nog een paar seconden sneller. Een man met wie ik in mei van dit jaar van station Naarden-Bussum naar de start van de Wallenloop in Naarden wandelde, was toen van mening dat 2 uur doen over een halve marathon zo’n beetje wandeltempo betekent. Dat kan hij wel vinden, voor mij betekent dit gewoon een nieuw persoonlijk record en het volbrengen van een gewenste doelstelling. Het pr is overigens niet zo gek als je de afstand pas voor de 2e keer volbrengt en voor de eerste keer tijdens een wedstrijd. Mijn laatste snelheid zou 12,6 km per uur geweest zijn, dat is nog onverwacht snel, ik had dus toch nog een laatste beetje brandstof in de reservetank.

Ik heb best wel vermoeide benen maar ben zeer voldaan omdat ik mijn missie volbracht heb, de ten doel gestelde tijd gehaald heb en omdat ik vandaag een behoorlijk constant tempo heb kunnen lopen. 13 van de 21 km-tijden zaten tussen 5:27 minuten en 5:40 minuten, 7 tijden tussen 5:42 en 5:54 en 1 boven de 6 minuten vanwege de drinkpauze van zeker 30 seconden. Ik wandel één rondje uit op de baan, pak tweemaal een beker thee en wandel daarna nog twee rondjes uit. De twee dames van het groepje dat mij in de laatste kilometers voorbijstak, konden nog rustig dribbelend uitlopen. Ik vraag ze daar verbaasd naar want ik kan voor mijn gevoel alleen nog maar heel rustig wandelen. Ik bel naar huis om het goede nieuws te vertellen en kijk naar de laatste finishers na mij. Ik rek mijn beenspieren, klets wat met mensen van de organisatie, kleed mij om in een lege kleedkamer. Ik zie, terwijl ik in de zon mijn boterhammetjes verorber, de allerlaatste loopster na ongeveer 2:42 uur finishen. Zij zou niet in de einduitslag vermeld worden, evenals zeker 1 loopster voor haar. Dat is natuurlijk sneu als je zolang hebt lopen ploeteren. De mannen van de tijdwaarneming waren al een tijdje bezig met opruimen. Ik hoor haar de “slotfietser” bedanken dat hij het al die tijd met haar heeft volgehouden. De kleine vrouw die ik bij de 10 km opraapte, heb ik niet zien finishen, ik vermoed dat zij heeft opgegeven.

Jammer van de harde muziek die schel en lelijk uit de ouderwetse stadionspeakers komt, dat is voor mij letterlijk de enige wanklank op deze perfecte hardloopdag. Ik kon na het uitblazen, omkleden en innemen van nieuwe brandstof gewoon wandelend naar de auto teruggaan, ik dronk voor ik de motor start een fles sportdrank leeg en zette muziek van Judy Tzuke** aan.

Haven’t seen such a good time
Yes I’m happy, I’m just fine
Haven’t seen such a good time burning
Burning

Vervolgens reed ik met een gelukzalig gevoel naar huis. Vooral ook omdat ik zulke mooie, voor mij nieuwe gedeeltes van Het Twiske heb kunnen aanschouwen. Hier kan ik wel een kleine maand op teren. Maar het mag gauw 8 december worden en dat het dan weer zulk mooi, zonnig weer mag zijn als ik de 16,1 km ga lopen. Voor mijn part ligt er dan een pak vers gevallen sneeuw. En wie weet opteer ik in februari of maart volgend jaar nog wel een keer voor de 21,1 km.

* Springende loopster – Twiskemolenloop 10-11-2013
   Met dank aan de heer J. Horstman voor de prachtige foto’s !!!

** Judie Tzuke – Nightline

Ook gepubliceerd op: Looptijden.nl

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

Maak een gratis website of blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

Klein, dapper en snel

Froukje haalt de finish wel!

Runningbenno

Belevingen van een enthousiaste hardloper

Tobatleet

Beleefsels van een Goudse Runner

sportlifecrisis

"Sport, ik wil er veel voor doen maar niets voor laten"

Mari Durieux // Alles over hardlopen

hardloper - hardloopblogger - running junkie - reviews en racereports

%d bloggers liken dit: