Wallenloop Naarden herbezocht

Trimlopen in bijzondere omgevingen hebben bij mij altijd een streepje voor en de Wallenloop in Naarden valt zeker in deze categorie. Vorig jaar had ik hier voor het eerst gelopen en dat was mij goed bevallen. Dus toog ik op 1e Pinksterdag wederom naar Het Gooi om de maximale 4 rondes over de buitenwallen van de prachtige historische vestingstad te gaan rennen. Op het perron van station Naarden-Bussum (waar ik deze keer niet vergat om met mijn OV-chipkaart uit te checken) werd ik al aangesproken door een man die ook naar Sporthal De Lunet moest. Hij vroeg of deze hal op loopafstand was, ik beaamde dat en nodigde hem uit om mij te vergezellen. Beneden in de stationshal zag hij een hem bekende loper, een man op leeftijd die net het bord met vertrektijden aan het bestuderen was. De eerste man raakte direct met de tweede in gesprek over het verdwijnen van een kledingstuk dat hij twee dagen eerder in de kleedkamer bij een loop in Jisp vergeten was. Terwijl wij het station verlieten voegde zich nog een vrouw bij ons en gevieren, nog net niet in optocht dus, togen wij naar de uitvalsbasis van de loop.

De man die mij aansprak bleef over een flinke spraakwaterval te beschikken maar de man op leeftijd bleek later van een nog memorabeler kaliber. Ik had hem eerder gezien bij de Gaasperplasrun eind maart van dit jaar en dat was niet zo vreemd want deze loper van dik in de 70 bleek iedere dag aan een georganiseerde loop deel te nemen. Zo had hij de dag ervoor nog een halve marathon gedaan in IJsselstein en twee dagen eerder dus een loop in Jisp. Nu ging hij ook de 14,5 km verorberen en deze oude rot moet dus wel over een stalen gestel en onverslijtbare beenspieren beschikken. “Ik herstel snel” was zijn commentaar toen ik vroeg of dat niet wat veel van het goede was. De volgende dag zou hij trouwens een loop in Leiden gaan aandoen. Voor zo iemand kun je alleen maar diep respect opbrengen, je blijft op deze manier in beweging, hebt een aangename tijdsbesteding en bent altijd onder de mensen.

Omdat ik de wandelroute door de prachtige buurten van Bussum en Naarden nog helder voor de geest had, waren wij snel terplekke en konden wij onze startnummers afhalen en ons gaan opmaken voor de loop. De organiserende vereniging AV Tempo had er dit jaar, vanwege het heuglijke feit dat dit de dertigste editie was, extra veel werk van gemaakt met een deel van de sporthal als ontvangstruimte, een loterij, een gezamenlijke warming-up op muziek onder leiding van een fitnessdame, de loco-burgemeester van Naarden die een welkomstwoord hield bij de start, een tweetal muziekmakende ensembles langs de route, een medaille voor iedere finisher en na afloop in de sporthal een fles sportdrank of stuk fruit van de lokale vestiging van ‘s-lands grootste grutter.

Vorig jaar had ik de beginnersfout gemaakt (mede ingegeven door de toen voor de start gestaag vallende regen) om ergens achteraan in het loperspak te gaan staan. Hierdoor had ik, zodra het parcours de wallen op leidde, een groot langzaam contingent trimmers voor mij waar absoluut niet omheen te komen was en waardoor ik toen de eerste 2 kilometers niet mijn eigen tempo kon lopen. Terugkijkend naar mijn tijden van die loop zag ik dat ik toen een tempo van onder de 10 per uur moest lopen. Nu stond ik dus, met de man die mij op het station aansprak, veel vroeger dan gebruikelijk aan de startlijn om zodoende voorin te kunnen starten en geen last te hebben van de opstoppingen die mij vorig jaar parten speelden. De startlijn was ter hoogte van één van de stadspoorten en het was leuk om te zien hoe er toeschouwers een aantal meters boven ons stonden te kijken op de binnenwal die op de poort aansloot. Na op verzoek van mijn tijdelijke metgezel nog wat foto’s van hem en andere lopers gemaakt te hebben en na de start van de eerder vertrekkende Ravelijnloop voor snelle lopers (ik zag een paar renners van start gaan die duidelijk niet aan die kwalificatie voldeden), konden wij ons opmaken voor de start van 1 t/m 4 rondes om de oude stad Naarden. De loco-burgemeester begon zijn praatje met een aan de gelegenheid aangepast citaat uit het lied “Op een mooie Pinksterdag” van Annie MG Schmidt. Dat wij op die mooie feestdag op de Naardense wallen gingen rennen in de zon, of iets van die strekking. Dat vond ik leuk bedacht van de man. Jammer was alleen dat hij het lied begin jaren 60 dateerde terwijl het toch echt pas aan het eind van de genoemde decade het levenslicht zag.

Toen het startschot gevallen was nam ik vanaf de tweede of derde startrij zo snel mogelijk de kuierlatten met het doel om de langzamere meute voor te blijven opdat ik direct mijn eigen race kon gaan lopen. Ik gebruikte daartoe zelfs korte tijd een tempo van boven de 13 km per uur. Mijn opzet slaagde volledig maar ieder voordeel heeft zijn nadeel. Ik was mij ervan bewust dat ik veel te snel liep en dat ik niet anders kon dan spoedig gaan temporiseren. Dat gedaan hebbende, zakte ik al te snel onder de 12 per uur. Het idee dat de eindstreep nog een heel eind weg is en dat vier keer hetzelfde rondje mentaal gezien zwaarder is dan één route van A naar B, droeg ertoe bij dat ik liever wat conservatief te werk ging.

Ik zal proberen de hele ronde over de wallen te beschrijven. Direct na de relatief brede toegangsweg waarop de start heeft plaatsgevonden gaat het rechtsaf de wallen op. Het door bomen omzoomde ongeveer twee meter brede pad dat aan de ene kant geflankeerd wordt door het water van de vestinggracht en aan de andere kant door een verhoogde aarden wal draagt de naam Korte Bedekte Weg. Waarom de organisatie gekozen heeft om het parcours rechtsom te laten lopen en niet linksom, wordt straks duidelijk. Het pad meandert met de grachtoever mee en gaat, na de tweede brede toegangsweg die wij moeten kruisen, Lange Bedekte Weg heten. Al die tijd lopen we lekker onder de bomen en zijn we al een kinderboerderij en een speeltuin gepasseerd. Bovendien hebben we een eersteklas uitzicht op de ravelijnen, bastions en muren die onderdeel uitmaken van deze prachtige historische vestingstad. Zodra we na ongeveer 2 km de derde en laatste toegangsweg, de Amsterdamsestraatweg, zijn overgestoken verandert het parcours van karakter. Prettig overigens dat tijdens zo’n loop al het kruisende verkeer voor jou moet stilstaan en wachten. De Admiraal Helfrichweg gaat twee keer achter elkaar redelijk venijnig omhoog. Voor mij altijd het teken om de pas te versnellen en eventuele vlak-voor-of-achter-mij-lopers in ieder geval voor korte tijd de hielen te laten zien. Na een bocht verbreedt de weg zich tot prettige afmetingen en hebben we aan de linkerkant uitzicht over akkers, velden en daarachter op de snelweg A1. De hele zaak oogt hier wat weidser dan de rest van het parcours en dat maakt het wel zo afwisselend. Halverwege de 3e km gaat de genoemde weg scherp linksaf maar gaan wij rechtdoor een bruggetje over naar het Vestingpad. Dit is een op plaatsen behoorlijk smal pad (hooguit 1 meter breed) dat redelijk wat hoogteverschillen kent, twee bruggetjes en een aantal haakse of minder scherpe bochten telt en dat het rondje vol maakt. Het wegdek is soms van mindere kwaliteit maar we lopen hier weer in een prachtig groene en parkachtige omgeving en voornamelijk onder de bomen. Hier is de aarden wal aan de buitenkant zo hoog dat er geen zicht is op wat er zich daarbuiten afspeelt. Maar wel is er voortdurend de eersterangs blik op de vestinggracht, de ravelijnen en bastions en de vestingmuur. Aan het einde van dit pad houden de lopers of links aan voor een volgende ronde of gaan rechtsaf naar de finish. Het Vestingpad is zo smal dat een route vanaf de start linksom met het lopers-aantal van 750 dat zich in één keer hierheen spoedt ongetwijfeld hachelijke taferelen en situaties zou opleveren. Nu, met de routering rechtsom, is het vrijwel zeker zo dat men zich al genoeg over het parcours verspreid heeft. Kijk voor een duidelijker en meer visuele weergave van al dit moois en historisch’ naar de overzichtsfoto van het parcours die deze blog vergezelt.

Ik had dus vanaf het begin de ruimte om lekker breeduit te lopen en om te genieten van het prachtige decor van deze loop. Slechts één keer was er een stevig uit de kluiten gewassen onverlaat die het nodig vond mij aan de binnenkant over het gras te passeren en meteen daarna pal voor mij op het pad te springen. Deze “wegpiraat” pakte ik later op mijn manier terug door hem weer voorbij te steken en hem voorgoed op achterstand te zetten. Ook was er wel de enkeling die mij een tijdlang als haas gebruikte en daarna over mij heen ging maar daar doe je nu eenmaal niets tegen en het is ook niet tegen de ongeschreven regels. Het feit dat ik het rondje al goed kende was zeker geen nadeel en ondanks dat ik helemaal niet op rondjes getraind had wist ik een behoorlijk tempo, dat vanaf mijn beginsnelheid niet verder terugzakte dan naar ruim 11,6 per uur, goed vol te houden. Mijn kilometertijden lagen allemaal tussen de 4:55 en 5:17 minuten. In vergelijking met de vorige editie was ik dus veel beter bezig. Al leek het in het begin een heel eind, voor ik het in de gaten had waren 3 van de 4 rondes al achter de rug en ging ik al bijna “op huis aan”. Omdat een minderheid de langste afstand loopt werd het al rustiger op het parcours en zag je alweer andere wallengebruikers zoals fietsers, wandelaars en de trimmende vader die geflankeerd werd door zoon en dochter die ook een stukje meeholden. Behalve het vooruitzicht van een flinke tijdsverbetering ten opzichte van vorig jaar door de fikse winst die ik in het eerste rondje had kunnen boeken, voltrok één van de hoogtepunten van deze loop zich wat mij betreft in de laatste kilometers op het smalle Vestingpad. Ik was bezig een naast elkaar lopend paar vrouwelijke lopers te naderen en druk met het bedenken hoe ik mijn wens om te kunnen passeren kenbaar zou maken. Voor ik iets kon roepen gingen zij al uiteen om mij middendoor te laten snellen. Ik bedankte in woord en gebaar uitvoerig voor deze sympathieke geste en één van de twee vrouwen riep dat zij een kleine erehaag voor mij gevormd hadden. Voor zulke momenten doe je het natuurlijk allemaal

Een eindtijd van ruim 4,5 minuten sneller dan vorig jaar was na de finish mijn deel en ik vond dat ik de medaille en het flesje water die mij werden uitgereikt dan ook meer dan verdiend had. Helaas kreeg die prijzenregen geen vervolg bij het bekijken van de loterij-uitslag in de sporthal, waar ik 2 keer slechts 2 getallen naast een aardig presentje zat. Wel mocht ik bij een stand van de organisatie nog een mooie honkbalpet in ontvangst nemen. Dus keerde ik, dit keer alleen in gezelschap van de oude kilometervreter waarover ik eerder verhaalde, als een tevreden mens terug naar het treinstation en later naar huis.

Oorspronkelijk gepubliceerd op 02 juni 2013 op Looptijden.nl

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

Klein, dapper en snel

Froukje haalt de finish wel!

Runningbenno

Belevingen van een enthousiaste hardloper

Tobatleet

Beleefsels van een Goudse Runner

sportlifecrisis

"Sport, ik wil er veel voor doen maar niets voor laten"

Mari Durieux // Alles over hardlopen

hardloper - hardloopblogger - running junkie - reviews en racereports